Blog 171 – Toevalligheden

 

Heb je ook wel eens gehad dat je in Legoland in Denemarken was en je daar een klasgenoot tegen het lijf liep? Of dat je in Portugal met vakantie was en je collega met zijn/haar gezin tegenkwam?

Een rare gewaarwording is dat, hè?

 

Herinneringen
Soms gaat het niet om onverwachte ontmoetingen, maar word je herinnerd aan bepaalde mensen of dingen waar je dat niet verwacht.

 

Schoondochters
Schoondochter Anneloes,  partner van zoon Louis, blijkt een achterkleindochter te zijn van een oude overbuurman vroeger, die vaak even op bezoek kwam. Toen hij overleed, was zij nog niet geboren.


Een vriendin van de schoonmoeder van zoon Nelson, is een oud-leerling van huisgenoot W.
Hij vond haar naam in de vriendenlijst van haar Facebookpagina.

 

Louis Le Roy
In mei 1945, het laatste oorlogsjaar, zat Louis Le Roy (van de Le Roy-tuin en de Ecokathedraal in Heerenveen), met zijn moeder en broer, ook in de kelder van het huis waar huisgenoot W. woonde, aan de Swaefkensstraat, toen de Canadezen Deventer binnentrokken. Ze woonden het laatste halfjaar van de oorlog bij het gezin in.

 

De moeder van huisgenoot had het gezin onderdak geboden nadat hun huis  kapot gebombardeerd was door de Duitsers.

Huisgenoot was toen een jaar of 4, Le Roy een jaar of 17.

 

Later bleek Louis tekenleraar te zijn geworden aan de school waar huisgenoot W. leraar geschiedenis werd. Ze werden dus collega’s, maar vrienden zijn ze nooit geworden.

Het leven kan raar lopen.

 

Henk van Os
Henk van Os
, de bekende kunsthistoricus en voormalig museumdirecteur, gaf in het eerste jaar van de Academie voor Sociale en Culturele Arbeid (de ASCA), waar ik vanaf mijn achttiende jaar op zat, kunstgeschiedenis.
(Het heette geloof ik ‘Cultuurgeschiedenis II’).

 

Ik herinner me heel goed zijn fascinatie voor Siena, in Italië, waar hij later ereburger van werd, en zijn uitleg van schilderijen uit de Romantiek.

Hij behandelde schilders als Caspar Friedrich David (De wandelaar boven de nevelen), Eugéne Delacroix  (De Vrijheid leidt het volk) en Francisco de Goya (De derde mei 1808 in Madrid).

 

Wat ik ook nog goed weet is dat hij in de zomervakantie na het eerste jaar speciaal voor mij naar het schoolgebouw kwam om mij de gelegenheid te geven een mondelinge toets te doen voor de overgang naar het tweede jaar.

Ik had namelijk wat toetsen gemist doordat ik bij een verkeersongeluk beide enkels had gebroken. Mijn ene onderbeen zat nog in het gips.

 

Bed omgekieperd
Toen, later, huisgenoot W. en ik elkaar leerden kennen, bleek hij samen met Henk van Os op het gymnasium gezeten te hebben, al was Van Os een paar jaar ouder.

Huisgenoot W. herinnert zich hem vooral van volleybaltraining en van een excursie met de klas naar Rome, waar Henk begeleider was.

 

Henk van Os studeerde toen al kunstgeschiedenis, en in die hoedanigheid en als oud-leerling van de school was hij mee als gids. Hij sliep ook bij de jongens van de klas op de slaapzaal.

Eén specifieke herinnering heeft huisgenoot daaraan. Vermoedelijk omdat ze Henk wilden laten merken dat hij niet de baas was – hij had de jongens gemaand om te gaan slapen –  tilde een groepje jongens, onder wie huisgenoot, het bed waarop hij lag in een verticale stand, zodat hij op zijn hoofd kwam te staan. 

Dat vond hij niet echt leuk …

Later hebben wij allebei zijn televisieoptredens natuurlijk wel gezien.

 

W.F. Hermans
Van de boeken van W.F. Hermans heb ik alleen Onder professoren gelezen, lang geleden, en in Groningen heb ik hem één keer gezien. Dat moet in 1972 geweest zijn.

Niet dat ik hem verder kende, maar hij zat in de bus waarin ik ook zat. Hij trok mijn aandacht omdat hij zo ontzettend chagrijnig keek. Hij keek mij aan alsof hij het persoonlijk op mij gemunt had. Opeens drong het tot mij door dat het W.F. Hermans was, de bekende schrijver. Ik had wel eens foto’s van hem gezien.

 

Colleges klimatologie
Toen ik veel later met huisgenoot W. getrouwd was, bleek hij colleges klimatologie van W.F. Hermans gehad te hebben. Huisgenoot studeerde namelijk een jaar aardrijkskunde voordat hij overstapte naar geschiedenis.

 

Ook huisgenoot had geen positieve herinneringen aan de beroemde auteur. Het was niet bepaald een bevlogen docent: zijn colleges bestonden eruit dat hij lesstof voorlas.

En hij gaf huisgenoot W. eens een uitbrander toen het duidelijk was dat huisgenoot W. niet geïnteresseerd luisterde – er werd les gegeven aan een groep van 30 studenten.

https://www.nu.nl/cultuur-overig/4044229/wf-hermans-kreeg-pensioen-uitkering-ontslag-universiteit.html

 

 

Etty Hillesum
Begin jaren ’80 las ik het dagboek van Etty Hillesum:  Het verstoorde leven. Haar officiële naam was Esther Hillesum.

 

Etty begon met het dagboek toen ze 27 jaar was en in Amsterdam woonde. Ze had toen een studie rechten afgerond en was bezig met een studie Slavische Talen.

Ik was toen ik het las een paar jaar ouder, nog niet lang gescheiden en vond vooral haar beschrijving van haar gevoelens over haar twee minnaars interessant (Julius Spier en Han Wegerif) en de ontwikkeling in haar denken.

 

Etty was in 1914 geboren in Middelburg, maar kwam met haar ouders en broers in 1918 in Winschoten te wonen, aan de Oranjestraat. Vader Hillesum was daar leraar klassieke talen aan het gymnasium.

Winschoten had vóór de Tweede Wereldoorlog een grote joodse gemeenschap.

In 1924 verhuisde het gezin naar Deventer.

 

Toevallige connecties met de familie van huisgenoot W.
Met haar drie kinderen, onder wie de vader van huisgenoot, woonde de oma van huisgenoot W. vanaf 1917 of 1918 in Winschoten, aan de Oranjestraat 15.
Oma Anna was pas weduwe geworden.

 

Het gezin Hillesum woonde aan de Oranjestraat 36 in Winschoten. Oma Anna en de vader van huisgenoot moeten Etty gekend hebben.

En als ze haar niet als buurtgenote kenden, dan toch zeker van de openbare school, waar oma Anna onderwijzeres was en haar kinderen op school zaten.

Etty woonde immers van haar vierde tot haar elfde in Winschoten.

https://www.beeldbankgroningen.nl/beelden/detail/ec56e1e2-5e36-0871-7653-be9971883c2e

 

Deventer
In 1924 werd de vader van Etty eerst conrector en later rector van het Stedelijk Gymnasium in Deventer.

In 1937 kreeg de vader van huisgenoot W. een tijdelijke baan als leraar wiskunde aan dat Stedelijk Gymnasium.
Hij moet de vader van Etty dus persoonlijk gekend hebben.

 

Etty was toen trouwens al naar Amsterdam vertrokken.

 

Geert Grootestraat
Etty’s familie woonde in 1937 aan de Geert Grootestraat 9 in Deventer.

In de tweede helft van de jaren 40 van de twintigste eeuw, toen het gezin Hillesum allang vermoord was, had de vader van huisgenoot inmiddels een vaste aanstelling als leraar in Deventer en woonde hij er met zijn gezin.

Huisgenoot W. is toen verscheidene malen in het huis aan de Geert Grotestraat geweest, omdat er een vriendje van hem woonde.

Alleen was “Etty Hillesum” toen nog lang geen bekende naam.

 

 

Porretjes
Toevalligheden zijn porretjes van je ziel om je wakker te schudden (@PatrickMundus).

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Rating: 4 sterren
1 stem

Als je sterretjes wilt geven, beweeg de cursor dan van rechts naar links, anders lukt het niet goed.

 

Blog 172 – Sprechhund

 

De eerste dagen nadat ik een blog geplaatst heb, overweeg ik meestal om ermee op te houden.

Waarom zou ik doorgaan? Geld verdien ik er niet mee, mijn bedrijf hoeft er niet mee gepromoot te worden (want dat heb ik niet meer) en het aantal reacties op de blogs houdt niet over.

 

Een carrière als bekend schrijfster ambieer ik ook niet, al heb ik niets tegen waardering.

 

Mijn ei kwijt
In het begin van een nieuwe week vertel ik huisgenoot geregeld dat ik misschien geen blogs meer ga plaatsen. En ik verwacht een reactie van hem op wat ik hem vertel, of het nu over blogs gaat of wat anders. Die reactie krijg ik ook.

In de loop van die week hoor of zie ik toch vaak iets waarvan ik denk: ‘Dat is leuk om over te schrijven!’ En ja hoor, dan begin ik weer aan een nieuw, misschien alweer mijn laatste, blog …

Ik kan zo mijn ei kwijt. Je leert mij beter kennen.

En tegelijkertijd bouw ik schriftelijk aan mijn nalatenschap – want dat wilde ik toch? (zie blog 1)

 

Sprechhund
Dat ik toch weer aan een blog ben begonnen, komt doordat ik in een column het woord sprechhund tegenkwam.

Het is een begrip uit de filmwereld – een techniek die gebruikt wordt om aan de filmkijkers informatie te geven die uit de beelden niet direct blijkt. De kijkers leren de hoofdpersoon zo beter kennen en de plot beter begrijpen.

 

In een film is de sprechhund vaak een vriendin/vriend of collega van de hoofdpersoon, of een psychiater, ambtenaar of winkelier.

 Je zou dr. Watson de sprechhund  van Sherlock Holmes kunnen  noemen. Een klankbord.

De psychiater in de film Amadeus, aan wie de componist Salieri zijn ei kwijt kan, wordt ook gebruikt als sprechhund.

En een sprechhund kan letterlijk een hond zijn, zoals Sykes in Midsomer Murders. https://www.youtube.com/watch?v=Yj274nanyHU  


Zou ik mijn lezers ook als sprechhunde gebruiken?

 

Terugpraten?
Het viel me op dat de hierboven genoemde sprechhunde heel verschillend zijn.

Als een hoofdpersoon in een film of het theater tegen een foto of een urn praat, of tegen God, wordt er niet teruggepraat. Ook Sykes, in Midsomer Murders, geeft geen antwoord.

 

Maar hoe zit het dan met Watson, het personage uit de verhalen over detective Sherlock Holmes? Watson praat juist heel veel; hij is de verteller van de verhalen en is de katalysator van de gedachtegang van Sherlock Holmes, waardoor de laatste uiteindelijk met zijn briljante oplossingen kan komen.
Watson praat wel heel veel, maar steekt toch maar bleek af bij de superintelligente Holmes.

 

Zijn mijn lezers sprechhunde?
Gebruik ik de lezers van mijn blogs als sprechhunde? Ben ik de briljante geest die geen antwoorden verwacht van mijn onbeduidende publiek?

Nou, ik denk het niet! Ik mag dan wel introvert zijn, maar wil juist graag dat jullie, lezers, op mijn blogs reageren. Er zijn een paar mensen, naast huisgenoot W., die zelfs heel uitvoerig mijn schrijfsels becommentariëren. En dat waardeer ik.


Jullie, lezers, zijn geen sprechhunde. Wil je reageren? Graag!

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Rating: 0 sterren
0 stemmen

 

 

 

(27-6-2021)
Voorlopig verschijnen er geen nieuwe blogs. De pot met inspiratie is
op dit moment leeg. Misschien is hij na de zomer wel weer gevuld ;-)

(29-8-2021)
Ik ga toch weer blogs plaatsen. De komende tijd wil ik vooral - niet uitsluitend! - teksten schrijven die te maken hebben met, of in ieder geval een link hebben met, ouder worden, ouderdom of het verleden.

 

Blog 173 – Ik kan het niet laten

 

Ik kan het niet laten: ik ga toch weer blogs schrijven. Is dat omdat het mijn ikigai is?

Ikigai draait om levensvreugde, je goed voelen, het leven de moeite waard vinden, een doel hebben.

 

Ik heb niet het gevoel dat ik creatief bezig ben als ik alleen maar de noodzakelijke dingen in huis en tuin doe, op onze kleindochter pas, contacten met vrienden en familie onderhoud, uitstapjes maak, boeken lees, mijn conditie op peil probeer te houden en zo nu en dan collecteer.

 

Het is ook niet genoeg dat ik daarnaast een voor een mijn dagboeken doorlees om te herbeleven wat er sinds 1980 in het leven van mij en mijn kinderen gebeurd is.

Ik probeer mijn kinderen een plezier te doen door uitspraken van hen en op hen betrekking hebbende gebeurtenissen die ik in de dagboeken lees, te noteren en op de computer uit te werken.

Dat is nuttig, en het lezen over wat er allemaal gebeurd is is interessant en soms emotionerend, maar het is niet genoeg.

Ik wil verder met mijn leven nu huisgenoot W. en ik steeds ouder worden en ouderdomskwaaltjes krijgen, het leven van mijn kinderen verder uitgekristalliseerd is en mijn tweelingzus zo volkomen onverwacht en onvoorstelbaar is overleden.

 

Om toch wat te schrijven, heb ik in de afgelopen maanden een paar ‘sprookjes’ geschreven en op de website geplaatst. Die verhaaltjes, die allemaal beginnen met “Er was eens …” zijn veel gemakkelijker te schrijven dan blogs. Je kunt lekker doen alsof het niet over jezelf gaat (behalve sprookje 5 dan) en je hoeft ook geen standpunt in te nemen.

Maar ik heb geen zin om meer van die ‘sprookjes’ te fabriceren.

 

Twee jaar geleden voelde ik mij nog jong en zelfs de acht jaar oudere huisgenoot had nog weinig klachten (blog 62) . Dat is nu allemaal wat veranderd.

Bovendien ga ik na mijn' pensionering' in verhouding veel meer met mensen van mijn eigen leeftijd en ouder om en sterven er steeds maar weer dierbaren. De zus van huisgenoot W., een goede vriendin, een neef, een aangetrouwde nicht, een vroegere collega-bijstandsmoeder zijn vorig jaar overleden.
Bijna niemand van mijn vele ooms en tantes is er meer.

Mijn moeder wel – ze is inmiddels bijna 97.

 

Misschien kan ik wel een chroniqueur/chroniqueuse (?) proberen te zijn van het proces van ouder worden. Zoveel van die chroniqueurs zijn er niet, denk ik. Oud zijn is immers volgens velen niet interessant?

Laat ik proberen het wel interessant te maken.

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

 

Rating: 0 sterren
0 stemmen

 

 

Blog – Christendom in Amerika (1)

 

Is de christelijke religie iets van het verleden? Dat geldt in ieder geval meer voor Europa dan voor Amerika.

In de Verenigde Staten van Amerika speelt godsdienst, en dan vooral het christendom, een veel openlijker rol dan in Europa.

 

Toen de 78-jarige president Joe Biden op 27 augustus een persconferentie hield over de aanslagen van ISIS-K bij het vliegveld van Kaboel, viel me dat ook weer op. Er werd door een journalist gevraagd of Amerikaanse militairen nog wel bereid zouden zijn na de terugtrekking naar Afghanistan te gaan om Amerikanen en Afghaanse partners en bondgenoten op te halen, en toen citeerde Biden plotseling een tekst uit de Bijbel – het boek Jesaja. Na wat speurwerk heb ik ontdekt dat de president verwees naar Jesaja
6:8.

 

Those who have served through the ages and have drawn inspiration from the Book of Isaiah, when the Lord says: “Whom shall I send? Who shall go for us?” The American military has been answering for a long time. Here I am, Lord. Send me. Here I am, send me.”

 

Each one of these women and men of our armed forces are the heirs of that tradition of sacrifice, of volunteering to go into harm’s way to risk everything, not for glory, not for profit, but to defend what we love and the people we love.

And I ask that you join me now in a moment of silence for all those in uniform and out of uniform, military and civilian, of giving the last full measure of devotion.

 

Thank you.

 

May God bless you all and may God protect the troops and all those standing watch for America. We have so much to do. It’s within our capacity to do it. We just have to remain steadfast. Steadfast. We will complete our mission, and we will continue after our troops are withdrawn to find means by which we can find any American who wishes to get out of Afghanistan.

We will find them and we will get them out.

 

Biden vindt het blijkbaar heel normaal om bij zo'n onderwerp als de problemen in Afghanistan een obscure tekst van een profeet uit het Oude Testament door zijn toespraak heen te weven.

 

Ook in zijn overwinningstoespraak op 8 november 2020 verwees Joe Biden al naar een Bijbelboek (Prediker).

Zie je dat een minister-president van Nederland doen? Echt niet!

 

Na de bestorming van het Capitool in Washington op 6 januari 2021 riep een heel andere, veel jongere man, de zg. ‘QAnon-sjamaan’ (Jacob Chansley), Jezus Christus aan en dankte hij de ‘Heavenly Father’ en 'Creator God'  (zie de derde video, speciaal vanaf 7:45). 

 

En toen ik in de nacht van 30 op 31 augustus niet kon slapen en in de woonkamer naar CNN zat te kijken, zag ik daar een reportage over de zware schade die in Louisiana aangericht was door de orkaan Ida.

Een man wiens huis onbewoonbaar was geworden, vertelde wat hij allemaal was kwijtgeraakt, maar hij voegde eraan toe:
The Lord giveth and the Lord taketh away”.

 

Dat is een vaste uitdrukking in de VS die ontleend is aan het Bijbelboek Job. Als Job te horen krijgt dat al zijn kinderen door een zware storm zijn omgekomen zegt hij:
The Lord gave and the Lord hath taken away; blessed be the name of the Lord” (Job 1:21)

 

Bij de overstromingen in Limburg een tijdje geleden heb ik de getroffenen daar niet horen zeggen:
De Here heeft gegeven, de Here heeft genomen, de naam des Heren zij geloofd”…

 

 

Weetjes over godsdienst in de VS
Ongeveer 30 procent van de Amerikaanse bevolking is protestant (wel 250 kerktypen, geloofsgemeenschappen en religieuze groeperingen) en 26 procent behoort tot de rooms-katholieke kerk.

De rooms-katholieke kerk is dus tegenwoordig de grootste kerk in de VS.

De voornaamste protestantse kerktypen zijn: baptisten, methodisten, lutheranen, pinkstergemeenten, presbyterianen en hervormden, anglicanen (Episcopaalse kerk) en ‘Churches of Christ’.
Tot de kleinere kerkgenootschappen behoren onder andere de zevendedagsadventisten, Christian Science, Broederenkerk, Jehova's getuigen, quakers, het Leger des Heils en een aantal unitarische kerken.

 

Wat Amerikaanse presidenten betreft:
Joe Biden is vroom rooms-katholiek, Barack Obama gaat naar protestantse kerken en werd in 1988 gedoopt in de United Church of Christ, Bill Clinton is een vrome baptist, George W. Bush is lid van de United Methodist Church (na een bekering op 40-jarige leeftijd), Jimmy Carter is een vroom baptist, voormalig vicepresident onder Trump – Mike Pence –  is vroom katholiek en zelfs oud-president  Donald Trump afficheerde zich bij verkiezingen als christen (…).

Dat legde hem geen windeieren.

 

Uit een onderzoek in 2018 blijkt dat de VS veel minder geseculariseerd zijn dan de meeste Europese landen.

Het onderzoek wees uit dat 27 procent van de Amerikaanse niet bij een kerk aangesloten mensen toch met absolute zekerheid in God gelooft. Slechts 23 procent van de Europese christenen gelooft met absolute zekerheid in God!

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Rating: 0 sterren
0 stemmen

Ook QAnon roept God en Jezus aan

 

 

 

Blog – Christendom in Amerika (2) – Muziek


In Amerika is het heel gewoon dat wereldberoemde zangers en zangeressen religieuze liederen zingen.

 

Why me Lord?
Wat denk je van Kris Kristofferson? Hij schreef “Why me, Lord?” zelf.

Why me Lord, what have I ever done
To deserve even one
Of the pleasures I've known

... ...

 

Ook Johnny Cash zong het liedje vaak bij zijn optredens. Let op de inleiding die hij geeft voordat hij gaat zingen.

 

Beroemdheden als Elvis Presley, Willie Nelson, Waylon, Jessie Colter, Hank Williams en Garth Brooks hebben dit nummer ook vaak uitgevoerd
en Johnny Cash en Ray Charles hebben het samen gezongen in een mix van country en blues.

 

 

Just a closer walk with Thee
Merle Haggard schreef en zong Just a closer walk with Thee.

I am weak but Thou art strong
Jesus keep me from all wrong
I'll be satisfied as long
As I walk, let me walk close to Thee

Just a closer walk with Thee
Grant it, Jesus, is my plea
Daily walking close to Thee
Let it be, dear Lord, let it be

 

When my feeble life is o'er
Time for me will be no more
Guide me gently, safely o'er
To Thy kingdom's shore, to Thy shore

 

Just a closer walk with Thee
Grant it, Jesus, is my plea
Daily walking close to Thee
Let it be, dear Lord, let it be

 

Onder andere Patsy Cline en Willie Nelson zongen het ook. En wat vind je van de uitvoering van Wynton Marsalis en Eric Clapton?

 

Jerry Lee Lewis
Ondanks zijn niet zo brave levensloop heeft de wereldberoemde country- en rock-and-rollzanger en pianist Jerry Lee Lewis een hele hoop christelijke, Pinkstergemeente-achtige liederen gezongen, onder andere:

  • Amazing Grace
  • Blessed Jesus hold my hand.
  • Down the sawdust trail. ...
  • Gather round children.
  • He looked beyond my fault. ...
  • How great Thou art. ...
  • I know that Jesus will be there (met Linda Gail)
  • I saw the light (met Johnny Cash en Carl Perkins)
  • Just a little talk with Jesus
  • The old rugged cross
  • What a friend we have in Jesus.

 

Kijk maar eens op https://countrygospelandbible.com/?cat=36 en https://www.nporadio2.nl/muziek/artiesten/7da5b4d5-a3fc-490a-b440-c4127d0e8c55/jerry-lee-lewis

 

De streng godsdienstige opvoeding en achtergrond van Jerry Lee Lewis, de angst voor de hel en de wetenschap dat dit soort liedjes in Amerika altijd op een goede ontvangst kunnen rekenen hebben er waarschijnlijk samen toe geleid dat hij zoveel van deze godsdienstige nummers heeft gespeeld en gezongen.

 

“I was always worried whether I was going to heaven or hell,” he concedes. “I still am. I worry about it before I go to bed; it’s a very serious situation. I mean you worry, when you breathe your last breath, where are you going to go?”

https://www.theguardian.com/music/2015/aug/08/jerry-lee-lewis-interview-heaven-hell

 

Emmylou Harris
Ook een beroemdheid als Emmylou Harris geneerde zich niet om christelijke gospels te zingen, bijvoorbeeld op haar album Angel Band.

Hieronder de tekst van Where could I go but to the Lord.

 

Living below in this old sinful world
Hardly a comfort can afford
Striving alone to face temptations call
Where could I go but to the Lord

Where could I go where could I go
Seeking a refuge for my soul
Needing a friend to help me in the end
Where could I go but to the Lord

Neighbors are fun I love them everyone
We get along in sweet accord
But when I pass the chilling hand of death
Where could I go but to the Lord  
enz.

 

En wat te denken van Bob Dylan? Eind jaren zeventig liet hij zich in een christelijke kerk dopen en bracht hij drie albums uit met door het christendom geïnspireerde liedjes. Zie https://www.youtube.com/watch?v=Awo55I-9D-4 en https://www.youtube.com/watch?v=wC10VWDTzmU

 

Als laatste van de ‘ouwetjes’ noem ik Dolly Parton https://www.youtube.com/watch?v=sjrHY--1KqI of

https://www.google.nl/search?q=dolly+parton+the+master%27s+hand+lyrics&sxsrf=AOaemvIFlfduoL_f6_Qh2IYSMQYKHRKY3w%3A1630509524200&ei=1JkvYZu5C86YsAfTx6rICw&oq=dolly+parton+the+master%27s+hand+lyrics&gs_lcp=Cgxnd3Mtd2l6LXNlcnAQAzIGCAAQFhAeOgcIABCwAxAeOgkIABCwAxAIEB5KBAhBGAFQvUdYylRgyldoAXAAeACAAWeIAecEkgEDNi4xmAEAoAEByAECwAEB&sclient=gws-wiz-serp&ved=0ahUKEwib8_enid7yAhVODOwKHdOjCrkQ4dUDCA0&uact=5

 

Justin Bieber
Maar ook Justin Bieber, echt nog niet oud, heeft een christelijk album gemaakt en Kanye West bracht een album uit met de titel Jesus is King.

 

In Nederland zouden Guus Meeuwis, De Toppers, Douwe Bob of Anouk niet zover durven te gaan!

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Rating: 0 sterren
0 stemmen

 

 

Blog 176 – Veroudering

 

Boven blog 173 heb ik geschreven dat ik de komende tijd vooral wil schrijven over ouder worden en het verleden. Vandaag over veroudering dus.

 

“De ouderdom komt met gebreken”, of iets van die strekking, heeft mijn huisarts de laatste jaren een paar keer tegen mij gezegd. Ik had namelijk nogal eens pijntjes.

In het jaar 2019, toen ik 70 was, heb ik behoorlijk in de lappenmand gelegen en moest ik vaak vertaal- en tolkopdrachten afzeggen.

Ik heb daar toen een verslag van bijgehouden, met het oog op een blog. Uiteindelijk heb ik er geen blog van gemaakt, maar ik kan nu wel een vergelijking maken tussen hoe het toen met me ging en hoe ik me nu voel.

De omstandigheden zijn veranderd, omdat ik vorig jaar oktober gestopt ben met werken, maar het is opvallend hoe weinig de klachten zijn veranderd. Ik ben alleen niet meer voortdurend verkouden en mijn schouderklachten zijn verholpen.

 

Wil je weten welke klachten ik heb op mijn tweeënzeventigste?

 

  • Al tientallen jaren heb ik vaak last van opgezette, wat pijnlijke, hete, ‘lamme’ handen. Doktoren hebben daar nog nooit iets zinnigs over kunnen zeggen. Jaren geleden ben ik onderzocht op het carpaletunnelsyndroom, maar dat bleek ik niet te hebben. En reuma is het ook niet, is mij lang geleden verteld.
    ‘Misschien’ is het fibromyalgie (weke-delen-reuma).

  • Vorig jaar is wel een ander syndroom vastgesteld, het syndroom van De Quervain. Ik had een pijnlijke rechterpols en -duim en twee zg. triggerfingers (haperende vingers; springvingers).
    Aan de zijkant van de pols is in het ziekenhuis een pees operatief schoongemaakt en sindsdien heb ik geen klachten meer van de duim en pols – van het syndroom van De Quervain dus.

  • Onder mijn linkerpink, een haperende vinger, heb ik een injectie met corticosteroïden gehad. Die injectie hielp eerst wel, maar nu, na vier maanden, heb ik alweer een pijnlijke pink en hete handen.

  • Na het verkeersongeluk in november 2016 heb ik vaak – niet altijd – last van mijn onderrug. Als ik niet in bed kan liggen vanwege pijn in de rug, helpt het vaak om op de leren bank te gaan liggen. Daar heeft mijn rug steun tegen de rugleuning.

  • Ik heb bijna altijd pijn aan mijn rechterlies en-heup. Het is opvallend dat in 2019 juist de linkerheup vaak pijn deed; ik heb toen een injectie boven de linkerbil gekregen omdat het linker SI-gewricht een beetje los zat. Dat heeft geholpen.
    De lies- en heupklachten die ik nu heb zullen wel een teken zijn van een slijtende rechterheup.

  • Op de hurken gaan zitten en weer overeind komen gaat steeds moeilijker (knieën!). Als ik van de bank of een stoel opsta, moet ik eerst even blijven staan om mijn spieren en gewrichten te laten wennen, voordat ik kan gaan lopen. Dat had ik in 2019 nog niet.

  • Sinds kort heb ik vooral in de auto, maar ook wel als ik tv kijk, vaak scheuten in mijn linkerenkel. Dat is de enkel die altijd stijf is gebleven na een verkeersongeluk meer dan 50 jaar geleden. Binnenkort zal ik er de huisarts naar moeten laten kijken, vrees ik.

  • Heel vaak word ik ’s nachts twee of drie keer wakker. Soms is het daarna onmogelijk om nog ontspannen te liggen en ga ik op de bank in de woonkamer zitten of liggen of naar een ander bed. Vaak kan ik dan nog een paar uur slapen.

  • Mijn cholesterolgehaltes zijn (veel) te hoog, zowel van het ‘goede’ als het ‘slechte’ cholesterol, en ik krijg kramp van cholesterolverlagende medicijnen (statines), dus die neem ik niet. Volgens de dokter hoeft dat niet fataal te zijn zolang mijn bloeddruk niet te hoog is. Ik moet dus verstandig eten en zorgen dat ik niet te veel stress heb.
    NSAID-pijnstillers – ik gebruikte celecoxib – mag ik niet meer nemen.

  • Al jaren hoest ik erg veel en voel ik vaak wat in mijn keel. Ik verslik me ook heel gauw als ik iets drink. De dokter kan niets verkeerds vinden en zegt dat mijn longen ‘schoon’ zijn.

  • Mijn ogen zijn het afgelopen half jaar flink achteruitgegaan. Ik draag met televisiekijken en in de auto nu een bril voor veraf zien – dat was niet zo – en heb ook een zonnebril op sterkte gekocht. Zelf denk ik dat mijn slechtere zicht veroorzaakt is door het vele huilen het afgelopen anderhalve jaar – om mijn tweelingzus – maar dat zal wel niet wetenschappelijk verantwoord zijn.

  • Sinds een aantal jaren kan ik geen erg lage tonen meer horen, maar verder is mijn gehoor goed.

  • Op namen komen is al jarenlang heel moeilijk, maar het vinden van woorden is tegenwoordig ook al een probleem. En het lijkt erop dat het moeilijker wordt discussies te volgen, bijvoorbeeld in programma’s als Buitenhof. Dat programma volg ik al tientallen jaren, ook toen het nog “Het Capitool” heette.
    Het begin van Alzheimer?

  • Met mijn geur-, smaak- en tastvermogens is niets mis. Ook met mijn evenwichts- en positiezin (proprioceptie) is er niets aan de hand.

  • Van mijn armen en schouders heb ik geen last meer sinds ik op advies van een fysiotherapeut regelmatig schouderoefeningen doe met behulp van gewichten.

  • Mijn spijsvertering is in orde. Buikgriep zoals in 2017 – na een vliegreis uit Nieuw-Zeeland - en 2019 heb ik gelukkig niet meer gehad. Ik eet niet te veel en wel verstandig, en baseer mijn maaltijden losjes op het bloedgroepdieet (bloedgroep 0). Ik heb me de laatste jaren geen griepprik laten geven.

  • Ik krijg wel steeds meer rimpels, maar mijn haar is nog steeds bruin, niet grijs. Dat is behoorlijk uitzonderlijk, denk ik.

 

 

Vergelijken met anderen
Is het interessant voor lezers wat voor klachten ik wel of niet heb? Op zich niet. Ik ben in deze opsomming gewoon een ‘casus’.


Andere mensen van mijn leeftijd kunnen heel andere en vaak ernstiger klachten hebben of zijn er niet meer. Velen zijn overleden aan kanker (of lijden daaraan) of een beroerte, opvallend veel vrienden en bekenden hebben longklachten of problemen met de ogen en de gewrichten of hebben diabetes.
Eén bekende heeft al lange tijd MS en een andere heeft sinds kort een vorm van epilepsie.

 

Er zijn ook mensen van in de zeventig die nooit ergens last van hebben.

 

Welke gezondheidsproblemen heb jij? Of, als dat niet op jou van toepassing is, weet je iets over verouderingsklachten van zeventigers uit je omgeving?

 

 

Wordt veroudering verleden tijd?
De meeste onderzoekers zijn van mening dat in de toekomst hogere leeftijden dan 100 jaar niet waarschijnlijk zijn. De mens zou daar niet op gebouwd zijn.

Het verouderingsonderzoek richt zich de laatste tijd vooral op het voorkómen van ziekte vóór het onvermijdelijke sterven. Het lukt steeds vaker organen uit stamcellen te maken, zodat kapotte organen opgelapt kunnen worden.

Ook is men ver op weg om kanker een stuk eerder te herkennen dan nu het geval is, zodat in een veel vroeger stadium met een behandeling begonnen kan worden.

 

 

Volgende week: prof. Sinclair
De volgende week leg ik uit wat volgens de Australische prof. Sinclair de oorzaken van verouderingsziekten zijn.

 

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Rating: 0 sterren
0 stemmen

 

 

Blog 177 – Oorzaken van veroudering

 

In Het Parool – waarop huisgenoot W. en ik sinds kort geabonneerd zijn – stond een paar dagen geleden een column van Theodor Holman over een heel oude man die niets meer lustte. Niets smaakte hem meer.
Het enige wat hij nog at en dronk waren bekers melk met twee of drie klontjes suiker, stukken oude kaas en glaasjes jenever.

 

Deze man wil niet oud worden. Zijn zoon is al twintig jaar dood en hij heeft het allemaal wel gezien…

 

Prettig oud worden
De meeste mensen willen wél oud worden, maar dan zonder vervelende kwaaltjes en/of ernstige ziektes. Ze willen niet te horen krijgen: “De ouderdom komt met gebreken”. Ze accepteren niet dat ziek zijn bij het ouder worden hoort.

Omdat zoveel mensen ermee te maken krijgen, is veroudering heel lang niet als een ziekte, als iets medisch, beschouwd. Veroudering is altijd als iets natuurlijks gezien.

 

Maar stel je voor dat ouder worden wel een ziekte is?

Als veroudering een ziekte is, kunnen we proberen er iets aan te doen.
Dr. David Sinclair zegt dat we in de toekomst het ouder worden kunnen vertragen en ouderdomsziekten kunnen uitstellen.

Zouden we eeuwenlang kunnen leven?

 

Waardoor verouderen we?
Waardoor verouderen we?

Niet als gevolg van vrije radicalen, zegt dr. Sinclair! Veroudering kan volgens hem dus ook niet bestreden worden door het innemen van antioxidanten.

En het is ook niet juist dat we verouderen doordat we genetische informatie (informatie uit ons genoom)   verliezen in de loop van ons leven.

Maar het is wel zo dat veroudering te maken heeft met een verlies van informatie. Hoe zit dat dan?

 

Verlies van epigenetische informatie
We verliezen geen informatie uit ons genoom, maar uit ons epigenoom.

Ons lichaam bevat namelijk twee essentiële soorten informatie: genetische (uit ons genoom) en epigenetische (uit ons epigenoom).
In de loop van ons leven verliezen we epigenetische informatie.

 

Epigenetische informatie bepaalt welke informatie uit de genen op welk moment tot expressie komt.

 

Welke informatie verliezen we als we ouder worden?
Door epigenetische veranderingen verandert een gen zonder dat er wijzigingen optreden in de DNA-code van dat gen.

 

Ons DNA is ons genoom, de verzameling van al onze genen. Ons genoom is een digitale vorm van informatie: het gaat om de volgorde van vier verschillende moleculen met de afkortingen A, C, G en T.

Ons epigenoom bestaat uit eiwitten waar ons DNA omheen is gewikkeld. Als genen strak om die ‘spoel’, het epigenoom, heen gespannen zijn, worden ze uitgeschakeld.


De genen die niet om de spoel heen gewikkeld zijn, zoals een tuinslang die op het tuinpad ligt, worden ‘aangezet’, ingeschakeld. Dat betekent dat iedere lichaamscel informatie krijgt over welke soort cel hij geacht wordt te zijn.

 

Ons epigenoom bestaat uit analoge informatie
De informatiedragers van vroeger, zoals platenspelers of cassetterecorders, waren ook analoog. De informatie die daarop stond was veel minder goed te kopiëren dan de informatie op digitale apparaten.

Je kunt het epigenoom vergelijken met een pianist die beslist welke noten er gespeeld worden. De juiste toetsen moeten aangeslagen worden.

 

Het epigenoom veroudert
Als we ouder worden, verandert onze epigenetische informatie doordat er methylgroepen verdwijnen. Genen die uitgeschakeld zouden moeten zijn, worden daardoor ingeschakeld en v.v.

Het gevolg is dat cellen hun identiteit verliezen. De functie van het desbetreffende gen verandert (zonder dat de DNA-code verandert).

 

In een ouder lichaam kan een zenuwcel dan bijvoorbeeld gedeeltelijk een huidcel worden. Het verlies van identiteit van cellen zorgt ervoor dat het netvlies van mensen slechter wordt of dat we dingen vergeten.

 

Is er een back-up?
Kunnen we deze veranderingen vertragen en het systeem opnieuw instellen? Is er een back-upharddrive? Prof. Sinclair denkt dat dat zo is.

Hij vergelijkt onze hersenen met een cd of een dvd. Je kunt er digitale informatie op zetten, maar op den duur kunnen er krassen op komen. Je moet er dus heel voorzichtig mee zijn.

Bij een cd kun je de krassen eraf poetsen met een doekje met bijvoorbeeld wat tandpasta. Daarna kun je weer bij de informatie – het concert dat erop staat.

Volgens prof. Sinclair kun je in wezen hetzelfde doen met ons lichaam.

 

 

Kan veroudering dus teruggedraaid worden? Prof. Sinclair zegt van wel. Hij denkt dat er een back-upsysteem gecreëerd kan worden waarmee verloren ‘bestanden’ teruggehaald kunnen worden.

Het epigenoom zou dus opnieuw ingesteld – gereset – kunnen worden.

 

De wetenschapper stelt dat drie van de vier zg. Yamanaka-factoren daarvoor gebruikt kunnen worden.

 

Hij stopte drie van de vier factoren in een virus dat hij in het oog van een muis plaatste. Daarna werd de oogzenuw fijngeknepen. Normaliter geneest zo’n oogzenuw niet meer, maar in dit geval begonnen de oogzenuwen opnieuw naar de hersenen toe te groeien.

Dit is een belangrijke ontwikkeling als je denkt aan glaucoom (groene staar door een verhoogde oogdruk) of aan een gebrekkiger gezichtsvermogen als je oud bent.

 

Bij muizen kan de ontwikkeling van slecht zicht dus teruggedraaid worden. De oogcellen ‘herinneren’ zich door de behandeling met de drie Yamanaka-factoren dat ze oogcellen zijn en geen halve huidcellen, bijvoorbeeld.

 

Supplementen
Dr. Sinclair gebruikt zelf al verschillende supplementen om veroudering bij zichzelf tegen te gaan. Een chemische stof met de naam NMN (nicotinamide-mononucleotide) is bijvoorbeeld belangrijk voor het behoud van het originele epigenoom.

Ook metformine, een medicijn tegen suikerziekte, schijnt goed te zijn tegen veroudering!

 

Metformine
Bij huisgenoot W. is al bijna 30 jaar geleden diabetes type 2 vastgesteld en sinds ongeveer 20 jaar gebruikt hij daartegen ook metformine. Zou het daardoor komen dat hij met zijn 80 jaar nog redelijk fit is? Zijn ouders, broer en zus heeft hij in ieder geval al overleefd.

Een groep onderzoekers, onder wie dr. Barzilai van het Einstein College, heeft voorgesteld om metformine te verstrekken aan mensen in de leeftijd van 65 tot 80 jaar, om te kijken of het middel kwalen als kanker, dementie, beroertes en hartaanvallen kan uitstellen.

Metformine maakt deel uit van een grotere groep geneesmiddelen, de zogenaamde mTOR- remmers, die de werking afremmen van een eiwit dat groei en celdeling stimuleert.

 

Ik zal mijn huisarts eens vragen wat hij ervan vindt! Zou ik misschien van mijn ouderdomspijntjes af kunnen komen? Zou het kunnen voorkómen dat ik voortijdig een hersenbloeding krijg, zoals mijn vader en zus?

 

De financiering van het onderzoek van dr. Barzilai had trouwens veel voeten in de aarde, mede doordat het patent op metformine is verlopen. Farmaceutische bedrijven kunnen er daardoor minder aan verdienen.

 

Minder vaak eten
Minder vaak eten is ook een manier om veroudering tegen te gaan. Dat betekent dat je je een deel van de dag hongerig voelt.

Prof. Sinclair zelf slaat het ontbijt over – ik dacht dat ontbijt heel gezond was! – en soms zelfs het middageten. Hij begint meestal pas met eten als het tijd is voor het avondeten. Hij zegt dat daardoor de NAD-waarden (nicotinamide-adenine-dinucleotide)   in ons lichaam verhoogd worden, net als NMN dat doet.

 

Hoe vaak kun je het epigenoom resetten?
Prof. Sinclair kan (nog) niet zeggen hoe vaak de genen opnieuw ingesteld kunnen worden.

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Rating: 0 sterren
0 stemmen

 

 

Blog 178 – De kindertjes in China

 

De onderstaande column van Selma Vrooland stond in 1990 in Trouw. Ik heb hem destijds uitgeknipt en in een dagboek bewaard.

Het is nu tijd om hem op mijn website te plaatsen, met dank aan Selma Vrooland en Trouw. Armoede komt nog steeds op ruime schaal voor in Nederland.


Selma Vrooland schreef behalve in Trouw ook in de Volkskrant en Vrij Nederland, onder het pseudoniem M. Mus.

Bij beide kranten werd ze eruit gebonjourd als columnist. De meeste mensen lezen niet graag regelmatig over de armoede van anderen; ze denken dat het wel meevalt.

Zelf zat ik in 1990 al jaren met mijn kinderen in de bijstand en ik had natuurlijk geen abonnement op een krant: mijn vader bracht mij zijn krant elke dag.

-------------------------------------

 

Column uit 1990 van Selma Vrooland over armoede

 

Armoede is betrekkelijk. Dat hebben we verleden week weer overal kunnen lezen en horen naar aanleiding van de protestdemonstratie tegen verarming in Nederland. Het was opvallend hoe hard de betrekkelijkheid van armoede benadrukt werd.

 

Betrekkelijkheid is ook maar een kwestie van relativeren.
Vergeleken met Ethiopië is het hier een paradijs, dat beaam ik grif. Het is ook lang niet zo erg om je pink te breken als je knieschijf. Klagen over een zware regenbui is niet redelijk wanneer men weet hoeveel erger het zou zijn om in een tycoon verzeild te raken. Als m’n man m’n verjaardag vergeet is dat niet zo erg als wanneer hij ons adres kwijt is.

 

Als verpleegkundigen actie voeren of als de gezondheidszorg klachten heeft over het personeelstekort en de werkdruk, lees je nergens dat hun bezwaren eigenlijk maar betrekkelijk zijn, omdat ze immers geen honger hebben? Als de politie kampt met dezelfde problemen zie je nergens een krantenartikel waarin staat dat de politie hier maar boft, want in Brazilië is de werkdruk nog veel hoger. [… … … ] Ga zo maar door.

 

Waarom wordt er ten aanzien van de verarming in Nederland een ander uitgangspunt gehanteerd dan bij andere misstanden? Is het gêne? Of omdat we nu eenmaal automatisch denken dat alles hier zo goed is?

 

[ … …  … ]

[Opiniemakers] spreken van het sociale isolement van bijstandsgerechtigden, alsof dat element het ergste is. Ik vraag me wel eens af wat daar nou mee bedoeld wordt. Dat je kind niet naar het zwembad kan, of dat de basketbalclub te duur is? Dat je tweedehandskleren koopt in plaats van haute couture? De avondjes uit en de verjaardagen moet je missen, natuurlijk. En af en toe een toneelvoorstelling is er ook niet bij.
Als dit het enige was waar mensen in de bijstand last van hadden, dan zou het sociale isolement inderdaad de kern van het probleem zijn. Maar dat is in werkelijkheid toch niet zo?

 

Wie langdurig in de bijstand zit, heeft niet alleen last van een gemist concert. Die heeft schulden waar hij zijn leven lang niet meer vanaf komt. Die is bang voor de deurwaarder en kan zich geen nieuw huishoudelijk apparaat veroorloven wanneer er iets kapot gaat. Die vreest ontruiming als dat incassobureau toch besluit via rechtmatige wegen tot een openbare verkoping te komen.


In zo’n bijstandsgezin zijn kinderen aan wie je niet kunt uitleggen dat het allemaal slechts een kwestie van sociaal isolement is – ze lopen veel meer kans dan welke betergesitueerde groep ook om allerlei verkeerde kanten op te gaan.
Het begint met slechte behuizing, leven in getto’s, slechtere onderwijskansen, zorg, verdriet en tekort. Het eindigt vaak belabberd, tot en met de criminaliteit.

 

[… …]: er is te weinig wezenlijke aandacht en belangstelling voor armoede en de effecten ervan.

 

Het is een scheur in je broek zonder dat er geld is voor een nieuwe. Het is de wanhoop omdat er alweer van die ellendig dure rekenmachientjes voor het nieuwe schooljaar nodig zijn, terwijl er eigenlijk niet genoeg geld is voor kaftpapier, laat staan een agenda. [N.B: Dit was 1990, hè? Laptops waren er nog niet].


Het is de schreeuwende ruzie omdat het kind dacht dat er eindelijk genoeg zou zijn voor een stel sportschoenen [… … …].  Het is een miserabele puinhoop waarvan je denkt dat je er nooit van je leven meer uitkomt, terwijl je steeds bitterder beseft dat je alleen staat: je bent sociaal geïsoleerd omdat je van iedereen al geprobeerd hebt om geld te lenen, maar je kunt niet uitleggen waarom het opeens zo schrikwekkend ingewikkeld werd, en zo moeilijk dat je niet op tijd kon terugbetalen.

Het is de betrekkelijkheid van de buren, die je uitschelden voor armoedzaaier en tyfushoer, omdat ze een man in je huis zagen komen en [… …].

 

Het is het ongeloof wanneer je een prestatie levert, omdat men ervan uitgaat dat je niks kan.

 

Het is het constant omrekenen en aanpassen, omdat er telkens weer nieuwe onaangename financiële verrassingen door de brievenbus komen vallen. Het is de angst voor bijna alles: onder bijstandsmoeders geldt het hoogste percentage fobiepatiënten. Het is een gevecht tegen depressie zonder dat je ergens ook maar iets tegenkomt waardoor je je kunt laten troosten en koesteren. [… … ]

 

[… …]

 

In Ethiopië is het erger. In Portugal zie je krotjes die zijn opgebouwd van zinken golfplaten. In Polen is het weer een kwestie van gaarkeukens geworden. Toch kan ik me niet onttrekken aan de suggestie dat al diegenen die over de betrekkelijkheid van armoede komen schetteren, toch sprekend lijken op de zelfgenoegzame ouders van weleer die zeiden dat je je bordje moest leegeten omdat de kinderen in China ernaar zouden snakken. Nu is China Roemenië geworden – mij best.

Maar de betrekkelijkheid van de armoede in Nederland is al veel te lang een reden geweest om te weinig te doen voor de mensen op minimumniveau. En dat is niet zo best. Er zijn te veel lege bordjes in de wereld, ook in Nederland.

 

-------------------------------------------

“Onder aan de ladder”, notities van een bijstandsmoeder. M. Mus

 

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Rating: 4 sterren
1 stem

 



 

Blog 179 – Avonturen op sociale media

 

Facebook
Als je je met social media bezighoudt, kom je soms rare dingen tegen. Op gezette tijden krijg ik bijvoorbeeld via Facebook, waar ik weinig mee doe, vriendschapsverzoeken van mensen die ik totaal niet ken. Negen van de tien keer zijn het mannen.

Ik ga daar nooit op in en heb er dan ook geen last van. Aantrekkelijke jonge vrouwen op Facebook hebben misschien honderden (of duizenden) vriendschapsverzoeken van onbekende mannen.

 

Ook huisgenoot W. krijgt soms vriendschapsverzoeken van onbekenden, maar dan van vrouwen, meestal Franse (!).

 

Je vraagt je wel af hoe eenzaam en smachtend naar contact iemand moet zijn om zo veel tijd op sociale media door te brengen zoekend naar een of andere relatie.

 

Of zitten er criminelen achter?

 

Blogs
Mijn blogs zet ik op mijn website, maar ik kondig ze aan via LinkedIn en Facebook. Door bepaalde zoekwoorden komen ze dan in zoekmachines terecht en daardoor krijg ik soms onverwachte reacties.

 

Aan het begin van de zomer was dat bijvoorbeeld het geval. Een mij totaal onbekende man had toevallig een blog gelezen dat hem aansprak en daar mailde hij me over.

Ik was aangenaam verrast en vond het ook leuk dat hij vervolgens al mijn blogs begon te lezen en mij zijn reacties daarop e-mailde. Ik voelde me alleen al gauw wat onder druk gezet om al die epistels (volgens hemzelf: verbale stuiptrekkingen) te lezen en er op hoog niveau over te discussiëren.

Discussies op hoog niveau over allerlei onderwerpen vind ik echt wel interessant (om te lezen), maar zo intelligent ben ik ook weer niet dat ik allerlei argumenten zomaar uit mijn mouw kan schudden.

 

En ik wíl ook niet altijd discussiëren. Veel mannen redeneren zo vreselijk rationeel. Ze hebben overal een antwoord op, maar negeren dingen die je gevoelsmatig of uit ervaring weet (of zoiets).

Uiteindelijk werd het me te veel en heb ik het contact afgekapt.

 

LinkedIn
Een paar dagen geleden kreeg ik een connectieverzoek op LinkedIn van iemand met een – volgens mij – Nigeriaanse naam. Door mijn werk in het verleden als tolk voor de IND kan ik dat goed beoordelen.

 

Een extra bewijs vormde zijn tweede voornaam: Godgives. In Nigeria zijn zulke voornamen heel gewoon onder het christelijke deel van de bevolking.

 

Hij werkte kennelijk in een leidinggevende functie bij een offshore-olieplatform bij Cyprus en ik dacht: och, waarom niet? Dus ik nam de uitnodiging aan.

 

Onmiddellijk kreeg ik allerlei berichtjes, zo’n twintig op de eerste avond. In krakkemikkig maar begrijpelijk Engels vertelde hij dat hij vijf jaar geleden gescheiden is, een studerende zoon heeft en vanwege de eenzaamheid op het booreiland behoefte heeft aan friends online.

Hij stuurde ook een foto van een booreiland, maar dat bewijst natuurlijk niet dat hij op dat platform werkt.

 

Opvallend was dat hij blijkbaar geïrriteerd raakte toen ik schreef dat hij wel uit Nigeria zou komen vanwege zijn naam. Volgens hem zei een naam niets en kwam hij uit Zweden.

Vervolgens stuurde hij  mij een foto van een witte man met een hondje; hij moest zelf de witte man voorstellen en vertelde dat hij 54 jaar was.

Daarna vroeg hij me ook om hem bij een andere, doorsnee klinkende, Engelse naam te noemen.

 

Dat vond ik vreemd. Ik werd wel wat extra voorzichtig en – om hem af te schrikken – schreef ik dat ik 72 jaar ben, tientallen jaren getrouwd, moeder en grootmoeder enz., maar daardoor werden zijn berichten – inmiddels via WhatsApp, want mijn mobiele telefoonnummer staat op internet – alleen maar vriendelijker. Het werd nu dear en darling en sweet dreams wat de klok sloeg.

 

De reacties die ik gaf stonden hem blijkbaar aan, al stuurde ik veel minder vaak berichten aan hem dan hij aan mij. Hij werd wel minder dwingend en we schreven berichtjes over het leven aan boord van een booreiland – best interessant – en anti-vaxxers.

Hij schreef mij dat hij door het geïsoleerde bestaan op het olieplatform pas onlangs iets gehoord had over vaccinatieweigeraars, complottheorieën en satanische pedofiele netwerken.

 

All you do shall be blessed
Ik kijk wel uit gevoelige informatie te geven, maar eigenlijk vond ik de berichtjes best prettig.

Van wie krijg ik ’s morgens vroeg anders lieve boodschappen als:


I sincerely pray that the Lord opens doors of uncountable blessings and unmerited favor for you everywhere you face today. As you step out today, all you do shall be blessed and favored. Good morning darling!

of:

As you rise from your bed, you’ll shine. As you ask in prayer, you’ll receive it. As you knock wherever you go, beautiful doors shall be opened to you. Enjoy a fulfilling day with amazing grace. Good morning.

 

Helaas, helaas - ik zag dat deze teksten letterlijk op allerlei websites staan.

 

Zelf heeft mijn friend ze dus niet bedacht, maar toch, zo’n tekst doet mij wel goed vroeg in de morgen!

 

Later zag ik dat de zinnetjes over het leven op een booreiland ook zin voor zin gekopieerd waren van internet!

En op zijn LinkedIn-pagina zag ik dat twee vrouwelijke LinkedIn-connecties van mij nu opeens ook connecties van Godgives waren. Merkwaardig!

 

Ik heb mijn twee connecties via LinkedIn een waarschuwend bericht gestuurd.

 

De liefde is voorbij
Vanmorgen heb ik nog geen lieve spreuken toegestuurd gekregen. Ik vermoed dat dat komt doordat ik mijn friend geen foto’s van mijzelf gestuurd heb. Hij drong daar nogal op aan.

 

Toen ik op het idee kwam het telefoonnummer van waaruit hij de WhatsAppberichtjes stuurt te controleren, bleek de landcode niet die van Cyprus te zijn (zoals ik eerst dacht), en ook niet die van Zweden.

De landcode is +86, en daarom denk ik dat Godgives zijn berichtjes vanuit China (of misschien vanuit de zuidelijke deelstaat Rivers State van Nigeria) verstuurt.

 

Oppassen dus!
Het is vervelend, maar ook LinkedIn en Whatsapp zijn blijkbaar niet meer veilig voor (potentiële) oplichters.

Zou achter mijn dear friend een hele bende zitten?

 

Politie
Ik weet het nog niet zeker, maar waarschijnlijk ga ik morgen even bij het politiebureau langs. Misschien vinden ze mijn informatie interessant. (Zie de reacties onderaan deze pagina.)

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

 

Rating: 4 sterren
1 stem

 

 

Blog 180 – Op de billen

 

Weer een verhaaltje over ouder worden.


Huisgenoot W. kreeg via de e-mail het jaarlijkse verzoek de waterstand door te geven. Bij ons thuis is dat zijn taak; hij doet het elk jaar.

 

De watermeter zit onder de vloer in de hal, vlak voor de voordeur (van binnenuit gezien). Vorig jaar is huisgenoot nog zonder veel problemen in het gat neergedaald, maar sindsdien is hij krakkemikkiger geworden. Hij is inmiddels 80.


Op de buizen, die een groot deel van het gat in beslag nemen, gaan staan om het klimmen makkelijker te maken, leek ons niet zo’n goed idee.

Hoe moesten we dit oplossen? Ik stelde voor dat ík zou proberen me in het gat te laten zakken, al wist ik niet of het mij goed zou afgaan.

Huisgenoot sloeg dat voorstel meteen af; dat was zijn eer te na.

 

Daarom begon ik maar eens met het stofzuigen van de spinnenwebben die zich langs de randen van het gat en onder het deksel verzameld hadden. Komt tijd, komt raad.


Wie er ook in het gat zou stappen, hij/zij zou in ieder geval niet onder het spinrag komen te zitten.

 

Misschien door de geruststellende gedachte dat hij in de gestofzuigde ruimte niet echt vies zou worden, bedacht huisgenoot dat hij op een traptree in het verlengde van de hal zou kunnen gaan zitten en – als hij dan toch eenmaal op zijn zitvlak zat, met zijn benen naar voren – op zijn billen naar het gat zou kunnen schuiven.

(Sommige baby’s doen dat ook: die kruipen niet, maar schuiven op hun billen…)

 

Toen huisgenoot bij de rand van het gat was aangekomen, hoefde hij dus niet eerst door de knieën, maar kon hij vrij gemakkelijk met een licht sprongetje en de handen op de rand van het gat met zijn voeten de vloer bereiken.

Maar kon hij in die staande houding, met de beperkte ruimte die hij had tussen de buizen, de meterstand onder het venstertje wel aflezen? Op zijn hurken gaan zitten zou niet lukken.

 

Ik kwam met het voorstel hem een driepotig krukje te brengen, met een kussentje voor wat meer comfort. Het krukje nam niet veel ruimte in. Huisgenoot kon daarop gaan zitten, zodat hij met zijn hoofd dichter bij de watermeter in de buurt kwam.

 

En ja, hoor! Met behulp van de leesbril, die hij al op had, lukte het de meterstand af te lezen. De loep, die ik ook opgehaald had, was niet eens nodig.

De meterstand was 00740.

 

Hoera, dat hadden we samen ook weer opgelost!

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

 

Rating: 0 sterren
0 stemmen

Reactie plaatsen

Reacties

Elsa Groenman-Warmelink
9 dagen geleden

P.S. Dit gaat over blog 179

Elsa Groenman-Warmelink
15 dagen geleden

En wie nog benieuwd is naar de naam en het telefoonnummer van mijn voormalige online vriend:
Amedu Godgives (Michael Jeffrey) Iluobe,
+86 135 9377 4667.
Ik realiseer me natuurlijk wel dat oplichters steeds andere namen en telefoonnummers gebruiken, maar wie weet heeft iemand er nog iets aan.

Elsa Groenman-Warmelink
15 dagen geleden

Ik ben inderdaad bij het politiebureau langsgegaan. De politieman die ik sprak toonde niet overmatig veel belangstelling. Hij ging ervan uit dat het inderdaad om iemand uit Nigeria gaat die op een gegeven moment wel om geld zou gaan vragen. Dat de landcode van zijn mobiele telefoonnummer +86 was kon hij niet verklaren. "Met internet kan zoveel geknoeid worden, mevrouw, dat kunnen wij als politie ook. Ik adviseer u om het contact gewoon te blokkeren".
Nou ja, dat heb ik dan maar gedaan, hoewel het verdere verloop van de WhatsAppconversatie me wel interessant had geleken... . En ik had best willen meewerken aan een onderzoek, maar er werd niet eens naar mijn naam gevraagd, laat staan naar die van mijn verre vriend.