Blog 151 – De ene leugenaar is de andere niet

 

Ik had een prijs gewonnen bij de Vriendenloterij en mocht uit een groot aanbod een gratis boek uitzoeken. 

Het boek “Wat zit je haar goed” van Annemiek van Kessel, over liegen, leek me wel aantrekkelijk.


Ik dacht meteen:
“Daar kan ik wel een blog over schrijven”.

 

Iedereen liegt wel (eens)
Niet iedereen liegt evenveel, maar niemand liegt nooit.


Kijk maar eens naar de op de flap van “Wat zit je haar goed” genoemde voorbeelden:

M’n wekker was stuk en de brug stond open ••• Het gaat goed hoor, en met jou? ••• Gegarandeerd de laagste prijs ••• Ik flos elke dag ••• Het was in de uitverkoop ••• Ik gaf leiding aan 200 mensen ••• I did not have sexual relations with that woman ••• Je mail zat in mijn spambox ••• Ik heb de hoofdrol voor die film geweigerd ••• Nee schat, vanavond niet, ik heb hoofdpijn ••• Mijn kind is ziek, dus ik werk vandaag thuis ••• Ik heb homo’s onder mijn beste vrienden ••• Daar kan ik me niets van herinneren ••• Vreemdgaan is niets voor mij ••• Ik heb griep, ik kan helaas niet komen ••• I’m the least racist person there is anywhere in the world ••• Hij bijt nooit, hoor ••• Dat gesprek heeft nooit plaatsgevonden


Sommige van die voorbeelden komen me best bekend voor … .

 

Wel of niet verstokte leugenaars
Mijn jongste kleindochter, Emma van 2 jaar, kan ook al liegen, maar een verstokte leugenaar is ze niet.

Daar kan Donald Trump nog een puntje aan zuigen.

 

Een Whatsappberichtje
Emma’s vader stuurde ons ruim een maand geleden een filmpje met de volgende conversatie.

Emma zit op de bank met een koekje in de hand.


Ze is pas twee jaar geworden en leert net een beetje praten.

 

Papa: ‘Emma, hoe kom jij aan die lange vinger? Had jij dat gevraagd?’

Emma (lief lachend): ‘Ja’.

Papa: ‘Had jij dat gevraagd?’

Emma (nog steeds lief lachend): ‘Ja’.

Papa: ‘Ja? Aan wie dan? Ik kan me niet herinneren dat jij om een lange vinger hebt gevraagd. Heb je die van mama gekregen?’

Emma: ‘Ja.’

Papa: ‘O ja? Die heb je van mama gekregen? Terwijl mama boven aan het douchen is, heeft ze jou die lange vinger gegeven?’


Emma kijkt naar beneden, trekt een nadenkend gezicht en friemelt wat met het koekje langs haar mond.


Papa: ‘Of heb je die stiekem zelf gepakt, die lange vinger.

Emma: ‘Ja.’ (Kijkt papa recht in het gezicht, lacht en beweegt haar hand naar beneden).
‘Armen, armen’.

(De koekjes liggen namelijk in de onderste uitschuiflade van het aanrecht. Als de lade wat openstaat, kan ze er met haar arm in). (Papa schiet in de lach).

 

“Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald”, zegt het spreekwoord.

En Emma zei tenminste niet dat het fake news was dat haar moeder onder de douche stond.

Ze verzon ook geen verhaaltje (een alternative fact …), bijvoorbeeld dat oma er net even was en haar een koekje had gegeven.

Evenmin zei ze dat haar vader niet het recht had om haar te kapittelen omdat hij niets over haar te zeggen zou hebben (“Obama is niet op Hawaï geboren, maar in Kenia …”)

 

De bedoelingen van Donald Trump
Het lijkt erop dat Donald Trump iemand is die liegt over alles wat los en vast zit.

Waarom doet hij dat?

 

Mijn kleindochtertje loog om te verhullen dat ze iets gedaan had wat niet mocht, maar werd geconfronteerd met de realiteit.

Hetzelfde gebeurde met president Clinton, de 42e president van de VS.
In 1998 zei hij tijdens een rechtszitting:
I did not have sexual relations with that woman, Miss Lewinsky”, terwijl zijn DNA op een jurk van Monica Lewinsky bleek te zitten.

 

Allebei logen ze.



Maar wat is het motief van president nr. 45 van de Verenigde Staten van Amerika, Donald John Trump, wanneer hij bijvoorbeeld liegt over het aantal belangstellenden bij zijn inauguratie of de uitslag van de presidentsverkiezingen?


Of de geboorteplaats van Barack Obama? Of het aantal verdiepingen van de Trump Tower?


In al die gevallen is het motief voor het vertellen van leugens niet dat hij iets gedaan heeft wat niet mag.


Waarom liegt Trump dan zo vaak?

 


Waarom liegt president Trump zo vaak?

In https://www.trouw.nl/nieuws/trump-is-op-alle-fronten-ongeschikt-als-president~bae2a014/ (januari 2017) las ik dat hoogleraar psychologie Dan P. McAdams in februari 2016 het verzoek kreeg van het literair-culturele maandblad The Atlantic om een psychologisch portret te schrijven van (toen nog) Republikeins presidentskandidaat Donald Trump.


Zijn conclusies over Trump waren onder andere:

 

  • hij is ongeschikt als leider van Amerika. Hij is een boze egoïst zonder doel die niet maalt om de feiten;
  • een deel van zijn macht is dat hij anderen angst aanjaagt;
  • hij is uiterst extravert en zoekt daardoor voortdurend naar beloningen die in de hersenen dopamine losmaken. Het najagen is belangrijker dan het doel;
  • hij is een geboren strijder. Zijn vader moedigde hem aan een killer te worden. Het risico voor de VS is dat hij geweld oproept: van buitenlandse mogendheden of bij nationalistische aanhangers”;
  • een doel voor het voortdurende vechten ontbreekt. “Donald Trump speelt altijd zichzelf. Hij wil hoe dan ook winnen, maar weet nooit waarom …”

 

Deze psycholoog voorspelde in 2016 dus al hoe gevaarlijk president Trump kon zijn.

De 45stepresident van Amerika liegt omdat hij altijd wil winnen. Hij is als de dood een ‘loser’ genoemd te worden.

 

Terug naar het boek van Annemiek van Kessel
In hoofdstuk 41 van "Wat zit je haar goed" wordt het liegen om voordeel voor zichzelf te behalen, ongeacht de schade voor anderen, als de ernstigste vorm van onwaarheid spreken aangeduid.

 

Hoe is het mogelijk dat bijna de helft van de Amerikaanse bevolking en vele anderen, zoals QAnon-aanhangers, Donald Trump zien als een verlosser en lichtend voorbeeld?

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

beëdigd tolk-vertaalster Engels
blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Rating: 0 sterren
0 stemmen

 

Blog 152 – Het gebruik van kleuren in de marketingwereld

 

Ik las op internet dat marketingexperts heel zorgvuldig van kleuren gebruikmaken in hun reclame-uitingen.

Daar had ik nooit eerder van gehoord. Toen ik er echt op ging letten tijdens de tv-reclame, viel het me pas op.

Ik zag het blauw van Toyota Lease, het rood van Eyelove en de Mediamarkt, het bruin van Volero vloerkleden, het grijs van Samsung Galaxy, het geel van Dekbed Discounter en de donkere, rustige kleuren van Pricewise.

Vaak kwamen er trouwens ook allerlei kleuren achter elkaar of tegelijk voorbij.

 

Verschillende kleuren hebben verschillende effecten. Sommige werken stimulerend, andere rustgevend.


Ik ben zelf vrijwel totaal immuun voor reclame – de ‘experts’ zullen dat niet geloven! – maar wie weet kun je van de informatie hieronder profijt hebben bij, bijvoorbeeld, de opmaak van je website.

 

Rood
Rood is eetlustopwekkend en wordt ook vaak gebruikt bij kortingsacties als winkels van hun voorraad af willen.

Het wordt geassocieerd met vaart, opwinding en passie en verhoogt de bloeddruk en de hartslag.

(Coca-Cola, Vodafone, H & M, Kruidvat (bij hoge kortingen))

 

Blauw
Blauw schijn favoriet te zijn bij mannen. Het wordt in verband gebracht met rust, water en betrouwbaarheid en stimuleert de productiviteit.

Het geeft een gevoel van rust en ruimte en jonge mensen blijken blauw met volwassenheid te associëren.

(Philips, LinkedIn, Skype, Twitter, Facebook (!), politie, AH, Consumentenbond, Weight Watchers, Menzis).

Deze merken willen betrouwbaarheid uitstralen.

 

Groen
Groen wordt in verband gebracht met gezondheid, ontspanning en de natuur. Tegelijkertijd is er een associatie met geld en rijkdom.

In winkels wordt groen gebruikt omdat de kleur een kalmerende werking heeft. Doordat klanten rustiger zijn, worden ze besluitvaardiger.

Tuincentra, dierentuinen, ziekenhuizen en zorgverzekeraars gebruiken ook vaak groen.

(Greenpeace, Blijdorp, Wildlands (met bruin), De Friesland, Nij Smellinghe (met blauw))

 

Paars
Mensen associëren paars met adel, wijsheid en eerbied. Deze kleur schijnt het probleemoplossend vermogen van de hersenen en de creativiteit te bevorderen.

Paars wordt vaak gebruikt voor cosmetica en anti-verouderingsproducten. Het is een ‘luxe’ kleur.

(Whiskas, Hallmark, Milka, Fontys (wijsheid en kennis))

 

Geel
Van geel word je vrolijk en optimistisch. In de marketing wordt het gebruikt om impulsieve mensen en etalagekijkers over te halen iets te kopen.

Deze kleur stimuleert de prefrontale cortex en maakt je enthousiast.

(Jumbo, Snapchat, Intertoys, MacDonalds)

 

Oranje
Oranje wordt vaak geassocieerd met warmte, vrolijkheid, energie en vriendschap.
Daarom wordt het gebruikt door bijvoorbeeld Nickelodeon, Thuisbezorgd.nl en Fanta.


Het is natuurlijk ook de kleur van ons koningshuis. Daarom gebruiken bedrijven als de Koninklijke Luchtmacht, de Rabobank en PostNL oranje in hun logo.

 

Roze
Roze staat voor de zachte kant van de liefde; het is zachter dan rood. Het is niet verwonderlijk dat Barbie, Victoria’s Secret en Paris XL een roze logo hebben.


T-Mobile wil waarschijnlijk passie uitdrukken met haar felroze logo.

 

Bruin
Bruin heeft een stoere en authentieke uitstraling. Daarom wordt deze kleur vaak gebruikt door meubel- en interieurbedrijven.

Uiteraard wordt bruin ook ingezet bij bruine voedingsmiddelen, zoals koffie en chocola (M&M’s, Nespresso)

 

Zwart
Zwart wordt in verband gebracht met autoriteit, macht, kracht en stabiliteit en is vaak een symbool voor intelligentie of geheimen.

Onder andere Nike, Chanel en Dolce & Gabbana gebruiken zwart in hun logo. Ook BMW (met blauw en andere kleuren soms).


Als zwart te vaak wordt gebruikt, is het te overheersend.

 

Grijs
Grijs is een praktische, tijdloze kleur en wekt gevoelens van solidariteit op. Het geeft ook associaties met technologie. Daarom gebruiken Sony en Apple het waarschijnlijk.


Grijs wordt bovendien ingezet om wijsheid, ervaring en zakelijkheid uit te drukken.

Denk maar eens aan de logo’s van Mercedes, Wikipedia, Sony en Nissan.


Maar pas op: grijs kan ook in verband worden gebracht met ouderdom, dood en depressie.

 

Wit
Wit
is van oudsher de kleur van zuiverheid, reinheid en veiligheid.

Wit roept ook het idee van een nieuw begin op en kan daardoor de creativiteit prikkelen.

In logo’s wordt wit bijna nooit als hoofdkleur gebruikt. Vaak zie je een combinatie van zwart en wit, bijvoorbeeld bij het Wereld Natuur Fonds.

Ook wordt er wel een witte waas over andere kleuren heen gelegd, zodat de boodschap liever en onschuldiger over komt.

 

 

Vogels zien veel meer kleuren dan mensen
Wist je dat vogels veel meer kleuren kunnen onderscheiden dan mensen?

Wij mensen kunnen alleen de kleuren van de regenboog zien: rood, oranje, geel, groen, blauw, indigo en violet. Dat is het zogenaamde kleurenspectrum.

Daarnaast kunnen we paars onderscheiden, omdat die kleur de kegeltjes voor blauw en rood tegelijk stimuleert.

 

Mensen en andere primaten hebben maar drie soorten kleurgevoelige receptoren, oftewel kegeltjes: voor blauw, groen en rood.
Zij hebben trichromatisch zicht.

 

Ultraviolet spectrum
Vogels
, en ook bijvoorbeeld bijen en verschillende soorten vissen en ongewervelden, hebben daarentegen vier soorten kegeltjes.
Zij hebben tetrachromatisch zicht.

Daardoor kunnen zij in theorie een veel groter scala aan kleuren onderscheiden, ook die in het ultraviolette spectrum.

Tot die kleuren behoren UV-groen en UV-rood.

 

Stel je voor dat mensen ook al die andere kleuren konden onderscheiden. Wat zouden de marketinggoeroes het dan druk krijgen!

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

 

Rating: 0 sterren
0 stemmen

 

Blog 153 – Therapie (Lydia Davis)

 

Lydia Davis is een gelauwerde Amerikaanse schrijfster van korte verhalen. Ze won in 2013 de Man Booker International Prize.

Bovendien is ze vertaalster van voornamelijk Franstalige boeken en heeft ze een selectie uit de zeer korte verhalen van A.L. Snijders vertaald (Grasses and Trees).

 

Uit haar bundel Break It Down heb ik voor vandaag het verhaal Therapy vertaald in het Nederlands.

 

Therapie

          Het was vlak voor kerst toen ik naar de stad verhuisde. Ik was alleen, en ik had dit nog nooit eerder gedaan. Waar was mijn man heengegaan? Hij woonde in een kamertje aan de andere kant van de rivier, in een wijk met allemaal pakhuizen.

          Hiervóór woonde ik op het platteland. De bleke, trage mensen daar zagen me hoe dan ook als een vreemde en het had niet veel zin te proberen een praatje met ze aan te knopen.

          Na de kerst lagen de trottoirs vol sneeuw. Daarna smolt de sneeuw. Toch vond ik het moeilijk om te lopen; daarna was het een paar dagen lang gemakkelijker. Mijn man verhuisde naar mijn buurt om onze zoon vaker te kunnen zien.

          Hier in de stad had ik ook lange tijd geen vrienden. In het begin zat ik altijd alleen maar in een stoel aan mijn haar te plukken en mijn kleren af te kloppen, daarna stond ik op, rekte ik me uit en ging ik weer zitten. ’s Morgens dronk ik koffie en rookte ik. ’s Avonds dronk ik thee en rookte ik en liep ik naar het raam en weer terug en van de ene kamer naar de andere.

          Soms dacht ik even dat ik in staat zou zijn iets te doen. Dat moment ging altijd weer voorbij en dan wilde ik altijd bewegen en kon ik niet bewegen.

          Op het platteland had ik op een dag niet kunnen bewegen. Eerst had ik mezelf om het huis heen gesleept en daarna van de veranda naar het erf en toen naar de garage, waar mijn hoofd uiteindelijk tolde als een draaitol. Ik stond daar maar boven een olievlek. Ik bedacht allerlei redenen om de garage uit te gaan, maar geen enkele reden was voldoende.

          Het werd nacht, de vogels kwamen tot rust, er kwamen geen auto’s meer langs, alles trok zich terug in de duisternis, en daarna kwam ik in beweging.

          Het enige wat ik me van die dag herinner is de beslissing om bepaalde mensen niets te vertellen over wat er met me gebeurd was. Ik vertelde het wel aan iemand, natuurlijk, direct. Maar hij had er geen belangstelling voor. Hij had toen niet veel belangstelling voor wat dan ook als het om mij ging, en zeker niet voor mijn problemen.

          In de stad, dacht ik, zou ik misschien weer gaan lezen. Ik was er doodmoe van mezelf het leven moeilijk te maken. Maar toen ik weer begon te lezen, las ik niet één boek, maar heel veel tegelijk – over het leven van Mozart, over veranderingen in de oceanen, en over andere onderwerpen die ik me nu niet meer kan herinneren.

          Mijn man werd door deze tekenen van activiteit gestimuleerd en ging altijd tegenover me zitten om met me te praten. Dan ademde hij in mijn gezicht tot ik uitgeput was. Ik wilde voor hem verborgen houden hoe moeilijk mijn leven was.

          Omdat ik niet onmiddellijk vergat wat ik las, dacht ik dat mijn geest sterker werd. Ik noteerde dingen die mij troffen als feiten die ik niet moest vergeten. Ik las zes weken lang en daarna stopte ik met lezen.

          Midden in de zomer verloor ik opnieuw de moed. Ik ging naar een dokter. Al meteen beviel hij me niet en ik maakte een afspraak met een andere dokter, een vrouw, maar ik zegde de eerste dokter niet op.

          De praktijk van de vrouw lag in een dure straat vlakbij Gramercy Park. Ik belde bij haar aan. Tot mijn verrassing werd de deur niet door haar opengedaan, maar door een man met een vlinderdas. De man was heel boos, omdat ik bij hem aangebeld had.

          Nu kwam de vrouw naar buiten en begonnen de twee artsen te redetwisten. De man was boos omdat de patiënten van de vrouw altijd op zijn bel drukten. Ik stond daar maar tussen hen in. Na dat bezoek ging ik er niet weer heen.

          Wekenlang vertelde ik mijn dokter niet dat ik iemand anders had geprobeerd. Ik dacht dat hij gekwetst zou zijn. Ik had het mis. In die tijd zat het me dwars dat hij zich eindeloos liet beschimpen en beledigen zolang ik hem maar betaalde. Hij maakte daar bezwaar tegen: “Ik laat me alleen tot op zekere hoogte beledigen.”

          Na elke sessie met hem dacht ik dat ik niet terug zou gaan. Daar waren verschillende redenen voor. Zijn praktijk was gevestigd in een oud huis dat door andere gebouwen aan het oog van de straat werd onttrokken en stond midden in een tuin vol paadjes en hekjes en bloembedden. Zo nu en dan, als ik het huis binnenging of uitging, zag ik een glimp van een vreemde figuur die de trap afliep of door een deur verdween. Het was een korte, gezette man met een dikke bos donker haar op zijn hoofd en met een wit overhemd aan dat tot aan zijn hals was dichtgeknoopt. Deze man stoorde me des te meer omdat ik niet begreep in wat voor relatie hij stond tot mijn dokter. Halverwege elke sessie hoorde ik altijd een mannenstem één woord naar beneden roepen: “Gordon”.

          Een andere reden dat ik niet met mijn dokter door wilde was dat hij geen aantekeningen maakte. Ik vond dat hij aantekeningen zou moeten maken om dingen over mijn familie te onthouden: dat mijn broer alleen woonde in een kamer in de stad, dat mijn zus weduwe was en twee dochters had, dat mijn vader nerveus, veeleisend en snel beledigd was en dat mijn moeder nog meer kritiek op me had dan mijn vader. Ik vond dat mijn dokter zijn aantekeningen na iedere sessie zou moeten bestuderen. In plaats daarvan kwam hij altijd na mij de trap af om in de keuken een kop koffie te zetten. Ik vond dat uit zijn gedrag bleek dat hij niet serieus genoeg was.

          Hij lachte om sommige dingen die ik hem vertelde en dat maakte me woedend. Maar als ik hem andere dingen vertelde, die ik grappig vond, glimlachte hij niet eens. Hij zei grove dingen over mijn moeder waar ik bijna om moest huilen, om haar en vanwege een paar gelukkige momenten in mijn jeugd. Het ergste was nog dat hij vaak in elkaar gezakt in zijn stoel hing, zuchtte en afgeleid leek.

          Het was opvallend dat ik hem meer mocht elke keer als ik hem vertelde hoe slecht op mijn gemak ik me door hem voelde en hoe ongelukkig. Na een paar maanden hoefde ik het hem niet meer te vertellen.

          Ik vond dat er een heel lange tijd tussen de afspraken zat, en dan zag ik hem weer. Er zat maar een week tussen, maar er gebeurde altijd veel in een week. Ik had dan bijvoorbeeld op een dag dikke ruzie met mijn zoon, de ochtend daarna zegde mijn huisbazin mij de huur op en die middag had ik een lang, uitzichtloos gesprek met mijn man, waarna ik ervan overtuigd was dat er geen verzoening meer mogelijk was.

          Ik had nu in elke sessie te weinig tijd om te zeggen wat ik wilde zeggen. Ik wilde mijn dokter vertellen dat ik vond dat mijn leven grappig was. Ik vertelde hem over hoe mijn huisbazin me beduvelde, hoe mijn man twee vriendinnen had en hoe die vrouwen jaloers op elkaar waren en niet op mij, hoe mijn aangetrouwde familieleden me telefonisch beledigden, hoe de vrienden van mijn man me negeerden, en daarna hoe ik steeds maar struikelde op straat en tegen muren aanliep. Om alles wat ik zei, moest ik lachen. Maar als het uur bijna om was, vertelde ik hem ook hoe ik in een persoonlijk contact met mensen niet in staat was te praten. Er was altijd een muur. “Staat er nu een muur tussen jou en mij?”, vroeg hij dan. Nee, daar stond geen muur meer.

          Mijn dokter zag me en keek langs me heen. Hij hoorde mijn woorden en tegelijkertijd hoorde hij andere woorden. Hij haalde me uit elkaar en zette me in een ander patroon weer in elkaar en liet me dat zien. Hier was wat ik deed, en daar was waarom ik het deed volgens hem. Er was geen duidelijke waarheid meer. Door hem wist ik niet wat ik voelde. Een zwerm redenen vloog om mijn hoofd, al zoemend. Ze verdoofden me, en ik was altijd in de war.

          Aan het eind van de herfst werd ik kalmer en hield ik op met praten, en aan het begin van het nieuwe jaar verloor ik bijna het vermogen om logisch te denken. Ik vertraagde nog verder, tot ik nauwelijks meer bewoog. Mijn dokter luisterde naar het holle geluid van mijn voetstappen op de trap en zei tegen me dat hij zich had afgevraagd of ik sterk genoeg zou zijn om helemaal naar boven te klimmen.

          In die tijd zag ik alleen maar overal de donkere kant van. Ik haatte rijke mensen en walgde van de armen. Het lawaai van spelende kinderen ergerde me en door de stilte van ouderen voelde ik me onbehaaglijk. Omdat ik een hekel had aan de wereld, verlangde ik naar geld om me te beschermen, maar ik had geen geld. Overal om me heen waren gillende vrouwen. Ik droomde van een of ander vredig toevluchtsoord op het platteland.

          Ik observeerde de wereld nog steeds. Ik had een paar ogen, maar niet veel begrip meer en geen spraakvermogen meer. Stukje bij beetje verloor ik het vermogen te voelen. Er zat geen opwinding meer in me, en geen liefde.

          Toen kwam de lente. Ik was zo gewend geraakt aan de winter dat ik me verbaasde over de bladeren aan de bomen.

          Door mijn dokter begonnen er dingen voor me te veranderen. Ik was minder kwetsbaar. Ik had niet steeds het gevoel dat bepaalde mensen me zouden vernederen.

          Ik ging weer om grappige dingen lachen. Soms lachte ik en dan dacht ik opeens: ‘Goh, ik heb de hele winter niet gelachen’. Eigenlijk heb ik het hele jaar niet gelachen. Een heel jaar lang heb ik zo zacht gepraat dat niemand begreep wat ik zei. Nu schenen mensen die ik kende minder ongelukkig te worden van mijn stem over de telefoon.

          Ik was nog steeds bang, want ik wist dat één verkeerde beweging me zou kunnen verraden. Maar ik begon nu opgewonden te raken. Ik bracht de middag altijd alleen door. Ik las weer boeken en schreef bepaalde dingen op. Als het donker was geworden, ging ik de straat op en bekeek ik etalages, en als ik me omdraaide botste ik in mijn opwinding vaak tegen de mensen op die naast me stonden, altijd andere vrouwen die kleren bekeken. Als ik weer aan het lopen was, struikelde ik vaak over de rand van het trottoir.

          Ik bedacht dat mijn therapie, nu ik beter was, binnenkort zou moeten stoppen. Ik was ongeduldig en vroeg me af: “Hoe beëindig je een therapie?”. Ik had ook andere vragen, zoals: “Hoe lang heb ik nog al mijn kracht nodig om mijzelf van de ene naar de volgende dag te brengen?”. Daar was geen antwoord op. Er zou ook geen einde zijn aan therapie, of ik zou niet degene zijn die de beslissing nam ermee te stoppen.



Thematiek
Ik vind dat Lydia Davis door haar manier van schrijven heel goed de onzekerheid en malaise heeft beschreven waarin de hoofdpersoon verkeert, en ook haar afhankelijkheid van haar therapeut.

Thema’s die vaak voorkomen in haar werk zijn eenzaamheid, onvermogen tot communicatie en ruzie tussen partners.

Therapy is overigens een van de langere verhalen in Break it down.  
Zij schrijft ook vaak echt heel korte verhalen.

Een daarvan is In a House Besieged (zie hieronder).

 

 

Een zeer kort verhaal

 In een belegerd huis

-----------------


In een belegerd huis woonden een man en een vrouw. Vanaf de plek in de keuken waar zij ineengedoken zaten, hoorden de man en vrouw kleine explosies. “De wind”, zei de vrouw. “Jagers”, zei de man. “De regen”, zei de vrouw. “Het leger”, zei de man. De vrouw wilde naar huis, maar ze was al thuis, daar midden op het platteland in een belegerd huis.

Rating: 0 sterren
0 stemmen

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

 

Blog 154 – Eerst de antwoorden, dan de vragen (niets diepzinnigs)

 

  1. de zon die naar binnen schijnt
  2. mooie muziek op de wekkerradio
  3. de kleuren van de bloemen in de tuin

    (Welke alledaagse dingen maken jou gelukkig?)

 

  1. eten
  2. drinken
  3. frisse lucht


      (Zonder welke drie dingen kun je niet leven?)

 

  • hopen dat de dag gauw voorbij gaat

     
      (Wat zou je doen als je voor één dag weer kind was?)

 

  • de lente (vooral de maand mei)

       
      (Wat is jouw favoriete seizoen?)

 

  1. naar de WC
  2. handen wassen en mijn gezicht met koud water afspoelen
  3. eten (meestal met krant)
  4. (gymnastiek of meditatie (dat laatste niet vaak meer))
  5. douchen; koud afspoelen


      (Wat is jouw ochtendritueel?)

 

  1. alle filmpjes van mijn kleindochter van twee die via Whatsapp naar mij toegestuurd worden
  2. leuke reacties op mijn blogs
  3. de zon die doorbreekt


      (Wat brengt een glimlach op je gezicht?)

 

  • zelfacceptatie

    (Welk vak ontbreekt er volgens jou op school?)



  • huisgenoot

    (Wie biedt jou altijd een luisterend oor?)

 

  • koken (maar ik heb het dan ook niet zo druk)

    (Liever koken of eten bestellen?)



  • een vogel die hoog kan vliegen

    (Welk dier zou je voor een dag willen zijn?)

 

  • kunstschilder

    (Welk beroep zou je voor een dag willen uitoefenen?)



  • mijn bureau

    (Wat is jouw lievelingsplek?)

 

  • die heb ik niet; iedereen heeft zijn eigen opdracht

    (Wie is een voorbeeldfiguur voor jou?)



  • alleen als de aarde onleefbaar zou zijn

    (Zou je op Mars willen wonen als dat kon?)



  • Scrabble

    (Wat is jouw favoriete spel?)



  • dat hangt af van wat die ander fijn zou vinden

    (Hoe zet jij een ander in het zonnetje?)



  • “Jij komt warm over.”

    (Wat is het laatste compliment dat je hebt gegeven?)



  • al die mensen waar ik te zelden kom omdat ik zo’n huismus ben

    (Wie moet je weer eens opzoeken?)



  • vooral het eerste

    (Ben jij een dromer, denker of doener?)



  • het eerste

    (Kies je voor uitgebreid ontbijten of uitgebreid dineren?)



  • oprechtheid

    (Wat waardeer je in anderen?)



  • elkaar accepteren

    (Wat is voor jou belangrijk in een relatie?)



  • de zondag; dan plaats ik een blog op mijn website en eten we een eitje bij het ontbijt

    (Wat is jouw favoriete dag van de week?)



  • de hemel

    (Wat betekent ontspannen voor jou?)



  • de bevalling van mijn eerstgeborene

    (Wat was jouw mooiste avontuur?)

 

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

 

Dit zijn mijn antwoorden op 25 vragen die tegenwoordig te vinden zijn op de labeltjes van Pickwick-theezakjes.


“Neem de tijd”, staat op de andere kant. Dat heb ik dan ook gedaan door een heleboel labeltjes van de theezakjes af te trekken en net zo lang in een oud kopje te bewaren tot ik zin had het materiaal in een blog te verwerken.

 

Er zijn nog veertien labeltjes over met vragen die ik niet zo gauw kon of wilde beantwoorden.

 

Wat zijn jouw antwoorden?


Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

 

Wat is jouw favoriete sprookje?Wie zou je meenemen naar de maan?Als welk dier zou je willen reïncarneren?Wie inspireert jou om een beter mens te zijn?Liever 1 jaar vooruit of 1 jaar terug?Hoe ziet de wereld er uit over 10 jaar?Van welke docent heb je het meest geleerd?Uit welke kleine dingen haal je geluk?Met welk familielid zou je een dag willen ruilen?Wat zijn drie positieve dingen aan deze dag?Waarom is het fijn om jou als vriend/vriendin te hebben?Welk liedje roept speciale herinneringen op?Wie fleurt jou op op een sombere dag?Hoe heb jij je eerste liefde leren kennen?Wat is jouw avondritueel?Wat staat er op je verlanglijstje?Wie zou je meer complimentjes moeten geven?Wat is je favoriete feestdag?Liever koken of eten bestellen?Welke tradities heb je binnen jouw familie?Ben je bijgelovig?Welk beroep zou je voor een dag willen uitoefenen?Wat is iets dat weinig mensen over jou weten?Welk dier zou je voor een dag willen zijn?Wat is liefde voor jou?Wat heb jij van je ouders overgenomen?Wat is jouw favoriete spel?Zou je op Mars willen wonen als dat kon?Welk dier geeft jouw persoonlijkheid het beste weer?In welk tijdperk zou je willen leven?Welk advies zou jij je jongere zelf geven?Hoe zet jij een ander in het zonnetje?Wat is het mooiste plekje van Nederland?Wat is de perfecte snack voor bij de thee?Kun je een nieuwe theesmaak bedenken?Met wie vier je het liefst je verjaardag?Wat maakt jou bijzonder?Wie biedt jou altijd een luisterend oor?Bij wie vind je rust?Welk vak ontbreekt er volgens jou op school?Wat was voor jou een levensveranderende ervaring?


Rating: 0 sterren
0 stemmen

 

Blog 155 – De tweede Molukse treinkaping – Molukkers in Nederland

 

Je hoort er niet veel meer van, van de Molukkers in Nederland, maar als oud-inwoner van Assen schoten me toch allerlei herinneringen in gedachten toen huisgenoot W. mij plotseling vroeg of de naam Hansina Uktolseja mij nog iets zei.

Hij was een artikel van Beatrice de Graaf in het Historisch Nieuwsblad (april 2008) over haar tegengekomen op zijn smartphone.

 

Ja, natuurlijk. Ik heb in verschillende perioden in mijn leven in Assen gewoond en in plaatsen als Assen, Bovensmilde en Oosterwolde wonen veel Molukkers.

Tijdens de treinkapingen in 1975 en 1977 bij Wijster en de Punt en de gijzeling in het provinciehuis in Assen woonde ik weliswaar ergens anders, maar de meeste kapers/gijzelnemers woonden in Bovensmilde.

 

Hansina (Hansje) Uktolseja was de enige vrouw – het enige meisje – onder de kapers van de trein in De Punt, die begon op 23 mei 1977.
In tegenstelling tot wat er in 1975 gebeurd was, schoten de kapers van deze trein geen passagiers dood.


Volgens Beatrice de Graaf was Hansina niet fel politiek gedreven, maar had zij besloten deel te nemen aan de kaping om in haar familie meer steun te krijgen voor haar relatie met een andere kaper – Rudi. Hun relatie was namelijk in strijd met de Molukse adat; de bloedband tussen de twee families was te nauw.

 

Behalve Hansina werden vijf andere kapers doodgeschoten bij de bevrijding van de trein op 11 juni 1977.


Een van hen, de leider, was Max Papilaya. Hij had bij mijn vader in de klas gezeten op de middelbare school en mijn vader heeft achteraf vaak gezegd dat Max toch zo’n aardige jongen was.  

Een andere kaper, Domingus Rumamory, een jongen van 17 of 18 jaar, zat bij mijn zusje Jackie in de klas.

Ik kan me nog heel goed herinneren van deze tweede ‘Molukse treinkaping’ dat ik destijds zwanger was van mijn derde kind – Louis – en er met een klant over aan het praten was terwijl ik achter de bar stond in ons Surinaams eethuis.

 

De toenmalige minister-president Den Uyl en toenmalige minister van Justitie Van Agt hadden verschillen van inzicht over de aanpak van de beëindiging van de kaping. De voorstander van de harde lijn – Van Agt – won uiteindelijk.
(Zie de op een na laatste link onderaan dit blog)

 

Hoger beroep
Deze week [week 7 van 2021] is het hoger beroep hervat van nabestaanden van Max Papilaja en Hansina Uktolseja tegen de uitspraak van een rechtbank in 2018 dat de Staat niet verantwoordelijk is voor de dood van deze kapers.


Zie voor de aansprakelijkstelling door de advocaten https://www.prakkendoliveira.nl/images/nieuws/2014/141105_aansprakelijkstelling_de_punt.pdf

 

Zie hieronder een artikel van de NOS over het hoger beroep.

https://nos.nl/artikel/2368863-nabestaanden-treinkapers-de-punt-opnieuw-lijnrecht-tegenover-nederlandse-staat.html


Nabestaanden treinkapers De Punt opnieuw lijnrecht tegenover Nederlandse staat

Nabestaanden van de Molukse treinkapers die in 1977 bij De Punt door mariniers werden doodgeschoten blijven erbij: de kapers waren op dat moment zwaargewond en hadden aangehouden moeten worden. Ze eisen in hoger beroep alsnog een schadevergoeding van de Nederlandse staat. "Het leger is ingezet tegen haar eigen onderdanen", zei advocaat Liesbeth Zegveld vandaag (15-2-2021; EW) voor het hof in Den Haag.

Max Papilaja en Hansina Uktolseja waren twee van de zes kapers die op 11 juni 1977 omkwamen, nadat een groep mariniers de trein had bestormd bij De Punt in Drenthe. Ook kwamen twee gegijzelden om. Volgens de nabestaanden van Papilaja en Uktolseja werden de kapers gedood terwijl ze ongewapend en zwaargewond waren.

De rechtbank oordeelde in 2018 dat de Staat niet verantwoordelijk is voor hun dood. Mariniers die na drie weken onderhandelen een einde moesten maken aan de treinkaping, hadden geen instructie gekregen dat zij de kapers moesten doden. Nabestaanden leverden onvoldoende bewijs voor deze "heimelijke instructie", stelde de rechtbank.

 

Maar volgens advocaat Zegveld gingen de mariniers wel degelijk de trein in met als doel de terroristen te doden. Zo zou uit geluidsopnames blijken dat ze meteen hebben geschoten. "De kapers hadden geen kans om zich over te geven", zei Zegveld voor het gerechtshof volgens RTV Drenthe.

'Duidelijk teken van overgave'

Tijdens de zitting werden autopsierapporten besproken, waaruit blijkt dat Papilaja in zijn borst en hoofd is geschoten. "Uit onderzoek blijkt dat Papilaja binnen een seconde is overleden", aldus Zegveld. Volgens de advocate lag hij op dat moment al gewond op de grond, maar de Staat stelt dat op dat moment voor de mariniers niet duidelijk was of de kaper nog een wapen had en op de mariniers kon schieten. Datzelfde gold voor de andere kapers.

Uktolseja, de enige vrouwelijke kaper, riep volgens Zegveld vlak voor haar dood nog: "Mama, mama". Dat was "duidelijk een teken van overgave", zei zij. Maar ook dat bestrijdt de Staat. "De marinier die Uktolseja doodschoot handelde uit het oprechte geloof dat hij bedreigd werd door een beweging van haar", aldus landsadvocaat Reimer Veldhuis.

Fractie van een seconde

Bij het benaderen van de trein dachten de mariniers dat zij beschoten werden door de kapers. "De hele situatie in de trein duurde drie minuten. De mariniers wisten niet wat ze zouden aantreffen", zei Veldhuis. Hij somde verschillende soorten geweren en pistolen op die de kapers bij zich hadden. "Ook waren ze bang voor boobytraps en bang om kapers aan te treffen die zwaarbewapend waren."

Er was volgens de landsadvocaat sprake van een levensbedreigende situatie. De mariniers moesten in een fractie van een seconde beslissen. "Er is door een kaper met zijn uzi op een marinier geschoten die daardoor gewond raakte."

Het hoger beroep vindt deels achter gesloten deuren plaats. Er worden beelden en geluidsfragmenten afgespeeld die niet openbaar zijn. Morgen gaat de zitting verder, mogen beide partijen op elkaar reageren en kan het hof aanvullende vragen stellen. Het is nog onduidelijk hoe lang de hogerberoepszaak gaat duren en wanneer het gerechtshof in Den Haag uitspraak doet.

Zie ook het verslag van RTV Drenthe:

https://www.rtvdrenthe.nl/nieuws/167547/Nabestaanden-kapers-staan-lijnrecht-tegenover-Nederlandse-staat

 

Met eigen ogen
Mijn broer Pieter was in 1977 dienstplichtig militair bij de medische dienst – geneeskundig soldaat, chauffeur-gewondenverzorger – in Assen. Hij heeft de bestorming van de trein door mariniers zelf niet meegemaakt, maar was aangewezen om de omgekomen gijzelnemers én gegijzelden met een ziekenauto te vervoeren.


Mijn broer heeft van het begin af aan het idee gehad dat het optreden van de mariniers veel ruiger is geweest dan de officiële instanties later hebben willen doen voorkomen. Hij heeft daar niet alleen zelf aanwijzingen voor gezien, maar heeft tijdens de debriefing, twee dagen later in Driebergen, ook allerlei informatie van collega-militairen over gehoord.


Pieter heeft vijf dode mensen vervoerd. Het eerste transport was van het Nederlandse meisje dat bij de bestorming werd doodgeschoten – Ansje Monsjou – en het tweede was van drie dode gijzelnemers en de mannelijke passagier die omkwam – Rien van Baarsel (er pasten vier brancards in het busje).


Wat Pieter direct al vreemd voorkwam was dat Ansje Monsjou en Rien van Baarsel duidelijk herkenbaar waren, maar de drie anderen niet.

Het was duidelijk te zien dat Ansje een gat in het hoofd had en Rien een gat in de borstkas.


Van de drie andere lichamen was niet eens te zien of het om mannen ging of dat er ook een vrouw bij was. Ze waren namelijk helemaal met dekens ingesnoerd en toegedekt, wat mijn broer wel heel erg de indruk gaf dat er dingen te verbergen waren.

Van collega’s hoorde mijn broer later dat ze Hansina buiten de trein hadden zien liggen en dat ze vol kogelgaten zat. Ze was dus door veel meer kogels beschoten dan de tien kogels die in de officiële documenten  genoemd worden.

Sommige militairen hadden ook gezien dat de – of verschillende - kapers uit hun slaapzak werden gehaald terwijl ze dood waren. Dat betekent dus dat ze waren doodgeschoten terwijl ze in hun slaapzak lagen.


Zie ook:
https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/nieuw-onderzoek-beeindiging-molukse-treinkaping-bij-de-punt-in-meerdere-opzichten-illegaal~b9c6a132/ (onderzoek van Marius Hille Ris Lambers)


Uit andere kranten:

“1987. Joop den Uyl (PvdA), premier tijdens de kaping, zegt vlak voor zijn overlijden over de beëindiging van de treinkaping: „Het was een executie, van mensen in overtreding, maar het blijft een executie.”


“Na de bevrijdingsactie van de gekaapte trein verklaarde de regering dat er door de militairen niet geschoten was op kapers die niet gewapend waren. Maar uit archiefonderzoek dat de ministeries van Justitie en Defensie in 2014 naar buiten brachten, blijkt dat anders te zijn. Max Papilaja –de leider van de treinkapers– en Hansina Uktolseja –de enige vrouwelijke kaper– waren ongewapend en niet in staat zich te verweren op het moment dat zij werden doodgeschoten. Over Hansina Uktolseja wordt in het rapport geschreven dat zij al gewond op de grond lag toen de mariniers haar aantroffen in de trein. Zodra ze haar zagen hebben ze haar van dichtbij met een uzi doodgeschoten”.

 

De ouders van de kapers waren verslagen. „Dat je kinderen hun leven wagen voor iets wat jou is aangedaan, dat is bijna niet te verkroppen.”
https://www.prakkendoliveira.nl/images/nieuws/2016/161103_nrc_verslagen._maar_toch_ook_trots_op_hansina.pdf

 

Opkomen voor de ouders
Wat ik hierboven heb geschreven, betekent niet dat ik de kaping van de trein en de gijzeling van de passagiers goedkeur. Maar deze jonge gijzelnemers meenden dat ze moesten opkomen voor hun ouders, dat ze iets moesten doen om goed te maken, of te vergelden, wat hun ouders en hen (in hun ogen) was aangedaan.


De ouders was beloofd dat de Nederlandse regering hen zou helpen terug te keren naar de door hen op het eiland Ambon uitgeroepen eigen staat, de Republik Maluku Selatan (RMS).

In plaats daarvan hebben zij en hun kinderen jarenlang in primitieve omstandigheden moeten verblijven in voormalige concentratiekampen uit de Tweede Wereldoorlog.

In het geval van de gijzelnemers en hun ouders was dat het kamp Westerbork, dat omgedoopt was tot Schattenberg.
Ze mochten ook niet werken.

 

Zes kinderen in één slaapkamer
Eind vorig jaar heb ik een bezoek gebracht aan de voormalige huishoudelijke hulp, Mien, van mijn overleden tweelingzus Rina.

Mien is ongeveer van onze leeftijd en ze vertelde dat ze haar hele jeugd op Schattenberg heeft gewoond.
Haar ouders hadden twaalf kinderen: 6 meisjes en 6 jongens. Zij was het vierde kind.
Het gezin had drie slaapkamers: één voor de ouders, één voor de 6 jongens en 1 voor de 6 meisjes.

 

Frustraties
De RMS was uitgeroepen na de Tweede Wereldoorlog, waarin de Molukkers zij aan zij met de Nederlanders hadden gevochten tegen de Japanse bezetters en waarna de Republik Indonesia onafhankelijk was verklaard.

Indonesië wilde de RMS niet erkennen en Nederland kon of wilde aan dit standpunt niets veranderen.

Dat zorgde voor veel frustraties, ook onder jongens die in de Molukse wijk in Assen opgroeiden.

Sommigen van hen waren behoorlijk vervelend. Ik herinner me dat een vriendengroepje waartoe mijn zoons behoorden, eens met honkbalknuppels werden aangevallen door een groepje uit die wijk.

 

De jaren 70
De jaren 70 waren trouwens sowieso een decennium vol terroristische acties.


We hadden weliswaar nog nooit van IS en Al Qaeda gehoord, maar het nieuws stond bol van de acties van organisaties als de PLO (Palestijnen), de IRA (het Ierse Republikeinse Leger), de ETA (de Baskische afscheidingsbeweging), de Rote Armee Fraction (Duitsland), de Rode Brigades (Italië) en de Action Directe (Frankrijk).


Zie https://npokennis.nl/longread/7545/hoe-zag-terreur-er-vroeger-uit

 

Niet in de Molukse wijk willen wonen
Lang niet alle Molukkers waren het eens met de acties van de Molukse jongeren.

Ook wilden en willen lang niet alle Molukkers zich in een uitsluitend Molukse wijk afzonderen. Ze accepteerden/accepteren dat ze nu eenmaal in Nederland wonen en probe(e)r(d)en hier een zo goed mogelijk leven op te bouwen.


Bij het zoeken naar identiteit onder Molukse jongeren is de RMS wel lange tijd een bindmiddel geweest. Bij onze half-Molukse buurjongen, zoon van buurvrouw Connie, uitte zich dat in het dragen van een RMS-badge op zijn kleren.

 

Behalve Connie woonden in de jaren tachtig en negentig in onze buurt nog meer Molukkers. 
Gideon bijvoorbeeld, en Frances en Willem.

Met geen van allen heb ik het trouwens ooit over de gijzelingen gehad.

 

Taekwondoleraar
Mijn twee oudste kinderen kregen in het begin van de jaren tachtig een tijdje taekwondoles van John Uktolseja, vermoedelijk een neef van Hansina/Hansje. Daarna kregen ze een andere leraar, omdat we naar een andere wijk verhuisden.

Ik zag op internet dat hij pas is overleden – weer een van de mensen uit mijn verleden die er niet meer zijn.

 

Links
Ik sluit dit blog af met een paar links.

De eerste is een link naar een interview met een van de Molukkers die de trein in Wijster kaapten, in 1975.
Tijdens die kaping zijn door de gijzelnemers wél drie treinreizigers vermoord; in De Punt gebeurde dat niet.


Zowel het interview als de reacties eronder zijn interessant:
http://www.historien.nl/interview-ex-treinkaper-sahetapy/

 

Verder het artikel van Beatrice de Graaf en Maarten van Riel in het Historisch Nieuwsblad, waar ik dit blog mee begon:

https://www.historischnieuwsblad.nl/hansina-uktolseja-1955-1977/

 

En een artikel in Trouw uit 2017 over Molukse wijken in Nederland en de opvattingen van drie verschillende jongemannen van Molukse afkomst:

https://www.trouw.nl/nieuws/wat-is-er-over-van-het-molukse-ideaal~b3e24c4b/

 

En een link naar een verslag over de herdenking van de treinkaping in De Punt op de begraafplaats De Boskamp in Assen op 11 juni 2017:

https://nos.nl/artikel/2177736-molukse-gemeenschap-herdenkt-treinkaping-de-punt-veertig-jaar-geleden.html

 

Deze informatie uit 1985 is ook interessant:

https://www.npostart.nl/geschiedenis-van-de-molukkers-in-nederland-deel-1-1945-1951/07-05-2012/POMS_NTR_177757  (een film van Mary Hehuat)

en verder:

https://www.vpro.nl/programmas/ovt/speel~VPRO_83977~ovt~.html (van 57:42 tot 1:07:33).
(
samenvatting van het VPRO-programma OVT van 14 maart 2010, met o.a. Dries van Agt – destijds minister van Justitie, Kees Kommer – de commandant van de precisieschutters, een Molukse opbouwwerker en een gegijzelde in de trein tijdens de kaping)

Mijn broer Pieter was bij die bijeenkomst aanwezig.

 

Heel verhelderend is ten slotte ook een interview met gegijzelden uit de eerste gekaapte trein bij Wijster:

https://www.npostart.nl/zwaailicht/19-12-2015/RKK_1675260

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Rating: 4 sterren
2 stemmen

 

 

Blog 156 - 7 gekke Engelse woorden

 

In het Engels kom je vaak zulke rare woorden tegen dat je denkt: waar komt dat nou vandaan? Deze keer bespreek ik er zeven.

 

  1. berserk
    De Nederlandse vertaling is 'woest', 'razend'. Maar waar komt dat rare woord vandaan? Het is afgeleid van een woord dat Vikingen gebruikten die zichzelf voor een strijd in zo'n staat van opwinding brachten dat ze bij het vechten onkwetsbaar zouden zijn. Het oud-Noorse woord is berserkr. Ber is beer en serkr is hemd, of jas, of shirt. De strijders waren gehuld in berenvellen.

  2. gerrymandering
    Een heel raar woord uit de politiek. Het is vooral van toepassing op dubbelzinnige politieke praktijken in de Verenigde Staten, waar nogal vaak geknoeid wordt met de grenzen van kiesdistricten met het doel de in de desbetreffende county of state regerende partij (Republikeinen of Democraten)  bij de verkiezingen te bevoordelen.
    Ook bij verkiezingen in Noord-Ierland is gerrymandering vaak toegepast.

    Het wordt in het Nederlands ook wel kiesrechtgeografie genoemd.

    Het woord gerrymandering is een samentrekking van de naam van een gouverneur van de staat Massachusetts, Elbridge Gerry, die zijn eigen partij in 1812 bevoordeelde bij een districtsindeling in zijn staat, en de vorm van een opnieuw ingedeeld district dat enigszins de vorm van een salamander had. Niet salamandering dus, maar gerrymandering.

    Uit Wikipedia:

    De Republikeinse Great Gerrymander van 2012
    Al sinds de jaren 90 heeft de Republikeinse partij een strategie voor wat betreft kiesrechtgeografie. Het Redistricting Majority Project (Redmap), verwijzend naar de kleur rood waarmee traditioneel een Republikeins district wordt ingekleurd op de kaart, is volkomen legaal en openbaar. De Republikeinen zijn trots op het resultaat van dit project waardoor sinds 2012 een meerderheid in beide huizen is behaald. Sindsdien is Redmap gericht op het vergroten van het Republikeinse zetelaantal door het creëren van 20 tot 25 vrijwel zekere Republikeinse districten gedurende de komende vijf verkiezingsronden.

  3. queue
    Een queue is meestal een lange rij mensen of auto's, maar waar komt het woord toch vandaan? Het komt via het oud-Franse woord cue van het Latijnse woord cauda of coda, dat staart betekent. Waarom het zo raar geschreven wordt – met een q, twee u's en twee e's, terwijl in het Engels toch ook het woord cue (o.a. 'staartvlecht') bestaat – is geloof ik niet echt bekend.

    Zie https://www.theguardian.com/notesandqueries/query/0,,-197906,00.html

  4. vex
    'Vex' is in het Engels een tamelijk formeel woord en betekent meestal ergeren, plagen, treiteren. Het kan ook als bijvoeglijk naamwoord gebruikt worden, bijvoorbeeld in de zin van 'boos: 'I ain't vex with you'. Zoals zo vaak bij Engelse woorden ligt de oorsprong in het Latijn, in dit geval bij het Latijnse vexare, en is het via het Franse woord vexer in het Engels terechtgekomen. Synoniemen zijn annoy, irk, bother, irritate, anger, disturb, exasparate, madden, upset etc.

  5. flub
    Dit is een Amerikaans woord dat verknoeien, verknallen, verprutsen betekent. Engelse synoniemen zijn botch of bungle. Als zelfstandig naamwoord is blunder een synoniem.
    De oorsprong van het woord is voor zover ik weet onbekend.

    In de Urban Dictionary wordt FLUB vermeld als een acroniem (letterwoord) voor Fat Lazy Useless Bastard.

  6. kerfuffle
    Spreek uit als curr-fuff-ull. Het woord stamt waarschijnlijk uit het Schots of Iers en betekent consternatie, opwinding, opschudding. Een van de synoniemen is fuss. Het is duidelijk een informele term en je gebruikt het wanneer iemand een hoop ophef maakt om niets.

    Kerfuffle
    is waarschijnlijk ontstaan door het Schots-Gaelische voorvoegsel car (verkeerd, raar) toe te voegen aan het Schots-Engelse woord fuffle (ongeveer: wanorde).

    Een recent voorbeeld:
    When conspiracy theorists claimed online that Obama planned to use a military training operation to declare martial law in Texas, Fox covered the kerfuffle mostly to dismiss or even mock it.
    New York Times, "Can Conservative Media Still Return to Business as Usual?," 13 Jan. 2021


    Voor allerlei grappige synoniemen kun je ook terecht op https://www.thegazette.com/2009/10/09/words-kerfuffles-hoo-has-and-hurly-burlies

  7. haberdasher
    In het Brits Engels is haberdasher volgens Van Dale een fourniturenhandelaar. Fournituren zijn linten, knopen, band, garen, ritsen, kortom, allerlei kleine dingen die je bij naaien nodig hebt. Vroeger behoorden ze bij de inventaris van een marskramer.
    In het Amerikaans Engels is een haberdasher een verkoper van herenmode.

    De oorsprong van het woord is onbekend, maar het is al wel vanaf de veertiende eeuw in gebruik! Het zou me niet verbazen als het iets te maken had met het Franse woord habiller – (aan)kleden.

    In de Middeleeuwen behoorden dolken, zwaarden, glazen, lepels, en messen ook tot de haberdashery.

Veel leenwoorden

Het Engels schijnt de meeste woorden te hebben van alle talen. Dat komt deels doordat het heel veel woorden heeft geleend van andere talen, zoals ook blijkt uit het bovenstaande.

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Rating: 4 sterren
1 stem

gerrymandering

 

 

Blog 157 –Sluipmoordenaar

 

Ik liep in een bosje niet ver van ons huis en dacht aan mijn overleden tweelingzus. Dat doe ik altijd als ik in een groene omgeving aan het wandelen ben.

Daarna dacht ik eraan wat er zou gebeuren als ik nu zelf, tijdens het wandelen, een hersenbloeding zou krijgen. Ik zou waarschijnlijk voorovervallen en uiteindelijk zou iemand mij vinden.

 

Ik had geen identificatiebewijs bij me, dus de politie zou niet meteen weten wie ik was. Ja, als huisgenoot W. thuis was, dan had hij mij misschien al wel als vermist opgegeven, maar stel je nu eens voor dat dat niet het geval was / hij er niet was / net een paar dagen van huis was.

 

Politiebericht
De politie zou dan misschien het volgende bericht laten uitgaan:

Wie kent deze vrouw? Deze vrouw van tussen de 60 en 70 jaar is (daar en daar) gevonden en blijkt na onderzoek in het ziekenhuis een hersenbloeding te hebben gehad. Het enige wat zij bij zich had was een autosleutel, een garagesleutel en een huissleutel in de ene jaszak en een blauw mondkapje in de andere.”
“De vrouw heeft bruin, kort tot halflang coronahaar met hier en daar wat grijs, een lichte huid en lichtbruine ogen. Naast haar op de grond lag een leesbril met donkerrood montuur. Ze was gekleed in een halflange, zwarte jas met capuchon en grote knopen, een helderrode sjaal, onder de jas een donkerblauwe spijkerbroek en een zwarte, wollen coltrui met witte bloemenapplicaties op de voorkant. De vrouw droeg verder donkergrijze wandelschoenen.

Zij is ongeveer 1.68 meter lang en heeft een slank, tenger postuur. Bijzondere kenmerken zijn oude littekens op de enkels, vooral de linkerenkel, en de middelste vingerkootjes van de linkerhand. Het lijkt erop dat de enkels vroeger gebroken zijn geweest.

Een ander kenmerk is dat bij beide voeten de tweede teen langer is dan de grote teen.
De vrouw heeft een trouwring aan de ringvinger van de rechterhand en droeg verder geen sieraden”.


Tot zover de fantasie.

 

Sluipmoordenaar
Volgens de Hersenstichting krijgen ieder jaar zo'n 45.000 mensen in Nederland een beroerte; twintig procent daarvan is een hersenbloeding.

In Nederland krijgen dus 9.000 mensen per jaar een hersenbloeding. Een op de vijf overlijdt binnen een jaar.


Bij een hersenbloeding knapt een bloedvat en loopt er bloed in de hersenen.
Bij een herseninfarct is er in een van de bloedvaten een verstopping door een bloedpropje.

De verzamelterm is beroerte.

Een andere term die gebruikt wordt is CVA – cerebro-vasculair accident (letterlijk: een ongeluk inde bloedvaten in de hersenen).

 

Een beroerte is de op twee na belangrijkste doodsoorzaak in de westerse wereld en ik vind dat er in de media veel te weinig belangstelling voor is, zeker voor het verschijnsel hersenbloeding.

Een hersenbloeding is een sluipmoordenaar, die zijn slachtoffer volkomen onverwacht neerslaat.


Volksziektes
Bij het recente RTL-verkiezingsdebat hoorde ik een van de lijsttrekkers het hebben over kanker, hart- en vaatziekten en Alzheimer toen hij het onderwerp volksziekten aanstipte. Maar hij had het niet over beroertes, terwijl toch heel veel Nederlanders juist daaraan sterven of als gevolg ervan ernstig gehandicapt raken.

Mijn tweelingzus kreeg een hersenbloeding, mijn vader ook, pas vorig jaar hoorden we van de inmiddels overleden zus van huisgenoot W. dat hun moeder (60) en hun opa (eind 50) ook aan een hersenbloeding waren overleden.

 

Martine Bijl (70), Emilia Clarke (van Game of Thrones; 24), Sharon Stone (43), Milika Peterzon, filmster Grace Kelly (prinses Gracia van Monaco), cabaretier Bert Klunder, rapper Dr. Dre, voetballer Joey Snijders en voetballer Abe Lenstra (64) hebben ook een hersenbloeding gehad.

 

Het gaat altijd over hartziekten
Er wordt wel veel gesproken en geschreven over hart- en vaatziekten, maar bij hart- en vaatziekten denk je nu eenmaal in de eerste plaats aan het hart en aan de bloedvaten in het lichaam (etalagebenen en trombose bijvoorbeeld), en niet aan de hersenen.

Lees de informatie op Google over hart- en vaatziekten maar eens. De beroerte wordt wel genoemd, maar verder gaat het over hart…, hart…, hart… en nog eens hart… .

Daardoor krijg je het idee dat je, als je hart goed is, nergens bang voor hoeft te zijn. Als je maar niet rookt, niet te veel verzadigd vet eet, wel genoeg beweegt en je bloeddruk niet te hoog is.

 

Hersenbloeding, maar het hart is te sterk
Maar zo zit het niet helemaal, lijkt mij. Mijn tweelingzus kreeg onverwacht een hersenbloeding, maar haar hart was zo sterk dat haar lichaam er pas weken na een tweede hersenbloeding mee wilde ophouden.
En dat terwijl ze na de eerste hersenbloeding pas na twee dagen gevonden was.

Ik vind dat er meer onderzoek gedaan moet worden naar oorzaken van hersenbloedingen. Het lijkt mij niet juist dat hersenbloedingen en herseninfarcten op dezelfde hoop gegooid worden.

 

Amyloïd-bèta
De laatste jaren is ontdekt dat stapeling van het eiwit amyloïd-bèta een grote rol speelt bij het ontstaan van hersenbloedingen. Het tast de bloedvaten in de hersenen aan.
Amyloïd-bèta is ook een van de eiwitten die een rolspelen bij het ontstaan van de ziekte van Alzheimer.


Bij het Radboud UMC worden tegenwoordig onderzoeken gedaan naar alarmstoffen (biomarkers) voor de stapeling van amyloïd-bèta in de bloedvaten van de hersenen.

Laten we hopen dat deze onderzoeken eindelijk meer licht werpen op de oorzaken van hersenbloedingen en op de manieren waarop ze voorkomen kunnen worden.

 

Denken aan de dood
Tegenwoordig denk ik elke dag aan een mogelijke dood, terwijl ik daar anderhalf jaar geleden nooit mee bezig was.

Want waarom zou je daar als 70-jarige aan denken, als je moeder 96 jaar oud is en je oma van vaderskant 99 geworden is?

Maar ik doe het nu dus wel. De sluipmoordenaar kan bij mij ook zomaar toeslaan. Of bij mijn man.

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie het reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

 

Rating: 0 sterren
0 stemmen

 

 

Blog 158 – O, wat zijn we zielig

 

Een week geleden las ik in Trouw een ingezonden brief. Ik neem hem hieronder over.

 

“Veel mensen vinden het leven met coronabeperkingen ondraaglijk: al een half jaar niet kunnen shoppen, naar theater, festival, sportclub of op vliegvakantie.

Steeds vaker bekruipt mij de vraag: zouden zij beseffen dat leven op bijstandsniveau of met een chronische ziekte altijd zo is? Eindelijk leeft nu iedereen even het leven dat ik als chronisch zieke en langdurig werkloze al decennia leid.

Ik zou het fantastisch vinden als de klagers nu gaan inzien wat politici mij en velen met mij aandoen – politici op wie zij wellicht zelf gestemd hebben of denken te gaan stemmen.”

 

Veel mensen hebben geen idee
Nee,
veel mensen hebben geen idee.


Gelukkig kan ik er niet over meepraten wat het betekent chronisch ziek te zijn, maar ik weet al te goed welk leven ik leidde toen ik bijstandsmoeder was.

 

Wij hadden geen auto, alleen krakkemikkige fietsen, ik had geen geld voor rijlessen. We hadden alleen maar oude of afgeprijsde kleren, tweedehands meubelen, ik ‘shopte’ natuurlijk niet, ik zat niet op terrassen (had gelukkig wel een tuin), ging een enkele keer naar de film maar nooit naar het theater, nooit naar een festival, ik zat niet op een sportclub maar gymde thuis (dat doe ik nog steeds trouwens), we gingen nooit naar een restaurant (maar haalden één keer per week patat bij Henkie Louwes, omdat de kinderen dat lekker vonden en ik voor één dag in de week niet hoefde te bedenken wat we zouden eten) en pas toen ik een relatie kreeg met (toen nog niet huisgenoot) W. zat ik voor het eerst in een vliegtuig.


Om mijn thuisstudie (een normale studie mocht niet van de overheid) te kunnen betalen, moest ik bedelen om liefdadigheidspotjes.

 

Wat was mijn oudste als veertienjarige blij dat zijn oom Rick hem meenam naar een optreden van Michael Jackson, zijn idool. En wat mooi dat mijn ouders de vloerbedekking betaalden (Mocht dat wel, gemeente?) toen ons een paar jaar na de scheiding een huis werd toegewezen. Mijn zus en zwager namen de kinderen soms mee naar de dierentuin.

En wat een meevaller dat mijn middelste zoon een week met zijn vriendinnetje en haar ouders mee mocht naar New York. En de oudste met een vriend en familie naar Frankrijk.

Van mijn jongste zoon kan ik me zo’n meevaller niet herinneren.

 

Wat fijn dat de kerk met kerst een luxe kerstpakket bezorgde en een paar keer de huur van een huisje in een vakantiepark betaalde voor mij en de kinderen. En dat ik vaak met de auto van anderen mee kon rijden als ik ergens heen moest.

En dat (toen nog niet huisgenoot) W. meebetaalde aan de reis naar een taekwondotoernooi in het buitenland waar Nelson Europees kampioen werd voor de jeugd tot 18 jaar.

En dat mijn ouders en (toen nog niet) huisgenoot zijn studiejaar in Amerika konden betalen.


Die studie heeft zich dubbel en dwars uitbetaald.
Mijn thuisstudie ook, trouwens.

 

Hulptroepen
Ik had het zwaar, en mijn kinderen ontbeerden wat de meeste andere kinderen wél hadden, maar we hadden tenminste hulptroepen. Veel mensen in de bijstand en zieke mensen hebben dat niet of vrijwel niet.


En dan is het zo wrang dat enorm veel mensen in Nederland geen idee hebben hoe moeilijk anderen het hebben  ̶  door allerlei oorzaken  ̶  en dat het ze ook geen fuck kan schelen (pardonnez le mot).


Anders zou niet zo’n groot percentage van de bevolking op de VVD stemmen of, nog erger, op partijen als die van Narcissus Baudet.

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie het reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

 

Rating: 0 sterren
0 stemmen

 

Blog 159 – Coronavet? Gym thuis – gratis en voor niets

 

Ben jij ook een van die mensen die kilo’s zijn aangekomen doordat ze maandenlang niet naar hun sportclub konden? Maar dat is toch niet nodig? Waarom doe je thuis geen oefeningen?

 

Wat zijn de voordelen?

  • Je kunt het op je eigen tijd doen
  • Je hoeft je niet druk te maken over wat je aan zult doen (maar je mag je optutten als je wilt!)
  • Het kost niets
  • Je bouwt leuke herinneringen op met eventuele huisgenoten
  • Je bespaart op reistijd
  • Je kunt een pauze nemen als je daar zin in hebt of als het nodig is.

 

NOS sportief in de jaren 80
In blog 158 heb ik al genoemd dat ik al jarenlang thuis gymoefeningen doe. In de jaren tachtig ben ik ermee begonnen, toen de NOS op Radio-5 NOS Sportief uitzond, met als instructeurs Debbie Jenner, Resi Hoogendam en Hans van Os.


De lessen (van ruim 20 minuten, met muziek) werden eerst altijd om 9 uur ’s morgens uitgezonden, maar omstreeks 1990 vonden de bobo’s van de radio – volgens mij speelde Henk van Hoorn daar een belangrijke rol in – ‘huisvrouwengymnastiek’ niet passen tussen hun ongelooflijk belangrijke politieke waan van de dag en ze wilden er dus van af.

Na een actie van teleurgestelde luisteraars mochten de lessen blijven, maar dan al om 7 uur ’s morgens.
Dat was voor mij meestal te vroeg.

 

Na een tijdje werd tot mijn grote woede besloten NOS Sportief helemaal van de radio te verwijderen.

Ik belde de NOS op om mijn ongenoegen te uiten, maar de bobo’s waren niet te vermurwen. De mevrouw aan de telefoon ried mij aan om de lessen die nog kwamen, op cassettebandjes op te nemen.

Dat was natuurlijk een goed advies en mijn zoon Louis was wel bereid om een stuk of 12 lessen op te nemen. Hij stond toch elke dag vroeg op om kranten te bezorgen.

 

Aan slijtage onderhevig
Na vele jaren intensief gebruik van de cassettebandjes was ik bang dat ze het zouden begeven en heb ik een bedrijf gevraagd de lessen op de bandjes op cd over te zetten.

Die cd’s gebruik ik nu dus.


Behalve de cd’s en een cd-speler is het enige wat ik nodig heb een beetje ruimte in een kamer of slaapkamer, een matje of een kussen van een tuinstoel om op de grond te leggen voor de grondoefeningen en eventueel een extra kussentje of kniekussentje voor mijn hoofd.

 

De prijs
In de jaren negentig (of nog later?) heb ik de NOS eens opgebeld om te vragen of er in hun archief nog andere opnames lagen van de gymlessen van NOS-radio. De archiefmedewerker antwoordde dat veel materiaal was verwijderd, maar dat er nog wel opnames over waren.

Toen ik vroeg hoe duur ze waren, noemde hij een bedrag van – ik meen – 40 gulden (of was het euro?) per les. Dat vond ik veel te duur, dus ik ben daar niet op ingegaan.


Ik ben benieuwd of die opnames nog in het archief liggen.

 

VANDAAG GEEN SPECIALE AANBIEDING!!!

Ik was van plan hieronder een van mijn cd-lessen te plaatsen, maar het uploaden lukte me niet, helaas.

Dus geen NOS Sportief-gymles gratis en voor niets!

 

Dan maar even een video van de 'Nederland in Beweging'-gymnastiek op de televisie.

Het manco bij die tv-lessen is dat er geen buikspieroefeningen gedaan worden en er naar mijn idee te weinig variatie in de lessen zit.

 

 

Gewichten

Wat je ook kunt doen is werken met gewichten.

Er zijn tegenwoordig best veel mensen, vooral mannen, die thuis hele fitnessapparaten hebben staan. Als je genoeg ruimte hebt, is dat handig.


Zulke apparatuur heb ik niet, maar sinds een aantal bezoeken aan de fysiotherapeut in 2019 heb ik wel gewichten (dumbbells; halters) in huis gehaald waarmee ik schouderoefeningen doe.

Krachttraining dus.

Halters zijn er al vanaf 0,5 kilo, dus ook als je het tegenovergestelde van een mannetjesputter bent kun je er oefeningen mee doen.  En later misschien zwaardere aanschaffen …

 

Krachttraining schijnt heel geschikt te zijn als je wilt afvallen.

 

Afwisseling
Het bevalt mij tegenwoordig goed om de gymlessen op cd af te wisselen met deze krachttraining en ook met rugoefeningen, die ik op internet gevonden heb.

Sinds mijn auto-ongeluk in november 2016 heb ik namelijk vaak last van de onderrug.


En eindjes wandelen en fietsen zijn natuurlijk altijd een goede aanvulling.

 

Nuttige informatie:
https://www.ingevanhaselen.nl/training/waarom-is-trainen-met-gewichten-zo-belangrijk/

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie het reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Rating: 0 sterren
0 stemmen

 

Blog 160 – Proprioceptie

 

Waarneming van ons denken
Vorig jaar ontdekte ik voor het eerst het woord proprioceptie. Twee andere vrouwen hadden mij uitgenodigd mee te doen aan een boekbespreking en wel van het boek ‘Over dialoog’ (Engels: On Dialogue), van David Bohm.
De ondertitel is: ‘Helder denken en communiceren’.


David Bohm was een kwantumnatuurkundige
(
https://www.quantumuniverse.nl/quantum-raar-of-toch-niet-zo-raar;
https://www.nemokennislink.nl/publicaties/quantummechanica-is-echt-overal/)
die ook zeer geïnteresseerd was in spirituele zaken.


Hij hield zich bezig met dingen als heelheid en fragmentatie en ging om met de dalai lama.


In een van de laatste hoofdstukken van zijn boek ‘Over dialoog’ pleit hij voor het opschorten van
onze meningen en reacties wanneer er iets gebeurt waar we het niet mee eens zijn of wat ons kwetst. Hij heeft het dan over proprioceptie, wat vertaald kan worden als zelfwaarneming.


Bohm gebruikt dat woord met betrekking tot de waarneming van ons denken, dat we ons dus bewust zijn van ons denken, van onze reflexen, onze reacties. Als we ons daar bewust van zijn, kunnen we ook proberen om eens anders te reageren – niet zo voorspelbaar.  Dat we onze reacties dus even opschorten en eerst nadenken.

Volgens Bohm kun je dan echt tot een dialoog komen met andere mensen.

 

Waarneming van ons lichaam
Pas vorige week kwam ik erachter dat het woord proprioceptie in de eerste plaats gebruikt wordt met betrekking tot het lichaam. Ik zag in de tv-gids dat er laat op de zaterdagavond een uitzending aan gewijd zou worden op Arte.


Proprioceptie
wordt ook wel positiezin, positiezintuig, kinesthesie, positiezin, of houdingszin genoemd en is het vermogen van een organisme om de positie van het eigen lichaam en de eigen lichaamsdelen in de ruimte waar te nemen.


Het wordt tegenwoordig als het zesde zintuig  beschouwd en er worden allerlei wetenschappelijke onderzoeken naar gedaan. Het is het zintuig van de actie, de beweging, en beïnvloedt al onze bewegingen.

Bewegingsreceptoren – proprioceptoren – liggen verdeeld over al onze spieren, gewrichten en pezen.

Dankzij proprioceptie weet je waar je benen en armen zich bevinden en of je lichaam scheef staat, voorover hellend is, plat ligt, rechtop staat of op de kop staat. Dit vermogen is dus ook nodig voor de interactie met andere mensen.


Op de leeftijd van 23 jaar schijnen mensen een optimaal besef te hebben van de mogelijkheden van hun lichaam.

 

Geen grenzen
Mensen die het proprioceptiezintuig niet (meer) bezitten, hebben het gevoel te zweven. Ze voelen de grenzen van hun eigen lichaam niet, in de zin dat ze het gevoel hebben dat het bed waarop ze liggen, de stoel waarop ze zitten of de persoon die naast hen staat bij hen behoort. Wel kunnen deze mensen dit gebrek vaak compenseren door hun ogen, hun visuele zintuig, te gebruiken.


De wetenschapper Oliver Sacks ('De man die zijn vrouw voor een hoed hield’) heeft zich veel met het fenomeen proprioceptie beziggehouden. Hij beschreef bijvoorbeeld een man die steeds scheef liep.

Die man deed dat, omdat hij niet meer wist wat rechtop lopen was. Zijn lichaam vertaalde niet meer hoe hij moest lopen. Hij slaagde er wel in op zijn bestemming te komen, maar op een wonderlijke manier.

 

Proprioceptie speelt misschien een rol in cognitieve processen
Ik heb het gevoel dat wetenschappers nog niet erg veel af weten van dit zesde zintuig, maar toch zou het wel eens zo kunnen zijn dat we er steeds meer over gaan horen.

Het vermoeden bestaat dat proprioceptie een rol speelt in processen die met het bewustzijn te maken hebben.

 

Boek van David Bohm te moeilijk
In de jaren tachtig van de vorige eeuw verplaatste David Bohm het begrip naar de niet-fysieke wereld. Dat vond ik wat vergezocht.

Na een aantal bijeenkomsten met het groepje vrouwen heb ik me maar teruggetrokken. Ik vond het boek ‘Over dialoog’ te moeilijk, te zweverig.

Misschien ben ik niet slim genoeg, dat kan. Het boek wordt tenslotte nog steeds verkocht, ook via managementboek.nl, dus ook in het bedrijfsleven denken mensen blijkbaar dat ze ervan kunnen leren.


Ik heb het boek aan mijn oudste zoon gegeven, die er belangstelling voor had. Ik ben benieuwd wat hij ervan vindt als hij het gelezen heeft.

 

Elsa Groenman-Warmelink
e.warmelink@gmail.com

06-281 284 69

blogger

 

Wil je een reactie plaatsen? Dan is het handig om het nummer van het blog waarop je reageert in je bericht te vermelden.
Zie het reactieformulier onderaan deze pagina. Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

 

Rating: 0 sterren
0 stemmen

Reactie plaatsen

Reacties

Elsa
4 maanden geleden

(blog 159) Dank je wel, Brigit. Heb je lang niet gezien!

Brigit
4 maanden geleden

Leuke blog en wat goed dat je dit sporten thuis) al die jaren volhoudt. Goede tips.

Elsa
5 maanden geleden

Dank je, Monique!😀

Monique
5 maanden geleden

P.S. Ik bedoel blog 157 ...

Monique
5 maanden geleden

Wat een mooie blog, Elsa!